LET OP!
Het uitpakken en monteren van
de machine moeten op een rechte en stevi-
ge ondergrond plaatsvinden en met voldoen-
de ruimte om de machine en de verpakkin-
gen te verplaatsen. Gebruik altijd geschikte
werktuigen.
Het afvoeren van de verpakkingen moet vol-
gens de geldende plaatselijke voorschriften
plaatsvinden.
Ga voor de montage van de machine als volgt
te werk.
1.1 Montage van de handgreep
(zie afbeelding 5)
A. Bevestig het ondergedeelte (1) van de hand-
greep op de pennen (2) van de machineromp en
monteer de elastische veiligheidsringen (3).
B. Assembleer de twee verlengstukken (4) op de
onderste handgreep met behulp van de bijgele-
verde schroeven, elastische veiligheidsringen en
knoppen.
Laat de knoppen (5) iets losgedraaid om de mon-
tage van de greep te vergemakkelijken.
C. Zet de greep (6) op de verlengstukken en blok-
keer hem met de resterende schroeven en elasti-
sche veiligheidsringen.
Draai alle knoppen vast.
1.2 Montage van de kunststof afwerking
(zie afbeelding 4)
Alleen voor het model SCM 440 SF .
Plaats de kunststof afwerking (1) op het verbin-
dingspunt tussen de verlengstukken en het on-
dergedeelte van de handgreep (2) en oefen lich-
te druk uit totdat de kunststof afwerking volledig
vastzit. Schroeven zijn niet nodig.
AFSTELLINGEN MAAIHOOGTE
(zie afbeelding 6)
1.1 Model SCM 440 FS
Stel de hoogte af door de hendel (1) op één van
de 9 standen te zetten.
1.2 Model SCM 240 R
Draai de knop (2) los, verplaats de rol (3) op
basis van de gewenste hoogte en draai de knop
vast.
Voer aan beide zijden dezelfde afstelling uit
om aan weerszijden dezelfde maaihoogte te
verkrijgen.
Nog meer maaistanden verkrijgt u door de knop
(2) te verstellen tussen de gaten 4 en 5.
3 GRASMAAIEN
OPMERKING Met deze machine kunt u het
gras op verschillende manieren maaien; alvorens
met het werk te beginnen, dient u de machine in
stellen voor de gewenste maaimodus.
Monteer de opvangzak, indien u deze hebt aan-
geschaft.
3.1 Grasmaaien
Het gazon zal er beter uitzien als het gras steeds
op dezelfde hoogte en afwisselend in beide rich-
tingen wordt gemaaid.
Leeg de opvangzak wanneer deze vol is.
Tips voor de verzorging van uw gazon
Ieder soort gras heeft andere eigenschappen en
heeft andere vereisten ten aanzien van de verzor-
ging ervan; lees altijd de aanwijzingen op de ver-
pakking van het graszaad met betrekking tot de
maaihoogte en houd hierbij ook rekening met de
groeiomstandigheden in het gebied.
Houd er rekening mee dat het meeste gras be-
staat uit een steel en één of meerdere bladeren.
Als de bladeren volledig worden gemaaid, raakt
het gazon beschadigd en zal de teruggroei wor-
den bemoeilijkt.
De volgende algemene richtlijnen zijn van kracht:
– als het gras te laag wordt gemaaid, worden
de wortels meegetrokken en ontstaan er plek-
ken met schaarse begroeiing, met een gevlekt"
aanzien als resultaat;
– in de zomer moet het gras hoger worden ge-
maaid, om te voorkomen dat de grond uit-
droogt;
– maai het gras niet wanneer het nat is; hierdoor
werkt het maaisysteem minder goed en bestaat
het gevaar dat het gras met wortel en al wordt
uitgetrokken;
– als het gras zeer hoog is, is het goed om eerst
op de maximumhoogte te maaien, en vervol-
gens na twee of drie dagen nog een keer te
maaien.
4. ROUTINEONDERHOUD
Bewaar de grasmaaier op een droge plek.
BELANGRIJK Regelmatig en nauwgezet on-
derhoud is van fundamenteel belang om de vei-
ligheid en de prestaties van de grasmaaier altijd
NL - 4