GE 6 R-EC
Draag persoonlijke beschermende uitrusting. Gebruik
afhankelijk van de toepassing een volledige gezichts-
bescherming, oogbescherming of veiligheidsbril.
Draag indien van toepassing een stofmasker, een ge-
hoorbescherming, werkhandschoenen of een speciaal
schort dat kleine slijp- en metaaldeeltjes tegenhoudt.
Uw ogen moeten worden beschermd tegen wegvliegende
deeltjes die bij verschillende toepassingen ontstaan. Een
stof- of ademmasker moet het stof filteren dat bij de toepas-
sing ontstaat. Als u lang wordt blootgesteld aan luid lawaai,
kan uw gehoor worden beschadigd.
Let erop dat andere personen zich op een veilige af-
stand bevinden van de plaats waar u werkt. Iedereen
die de werkomgeving betreedt, moet persoonlijke be-
schermende uitrusting dragen. Brokstukken van het
werkstuk of gebroken inzetgereedschappen kunnen weg-
vliegen en verwondingen veroorzaken, ook buiten de direc-
te werkomgeving.
Houd het gereedschap alleen aan de geïsoleerde
greepvlakken vast als u werkzaamheden uitvoert
waarbij het inzetgereedschap verborgen stroomleidin-
gen of de eigen stroomkabel kan raken. Contact met
een onder spanning staande leiding kan ook metalen delen
van het gereedschap onder spanning zetten en tot een
elektrische schok leiden.
Houd de stroomkabel uit de buurt van draaiende inzet-
gereedschappen. Als u de controle over het gereedschap
verliest, kan de stroomkabel worden doorgesneden of
meegenomen en uw hand of arm kan in het ronddraaiende
inzetgereedschap terechtkomen.
Leg het elektrische gereedschap nooit neer voordat
het inzetgereedschap volledig tot stilstand is geko-
men. Het draaiende inzetgereedschap kan in contact ko-
men met het oppervlak, waardoor u de controle over het
elektrische gereedschap kunt verliezen.
Laat het elektrische gereedschap niet lopen terwijl u
het draagt. Uw kleding kan door toevallig contact met het
draaiende inzetgereedschap worden meegenomen en het
inzetgereedschap kan zich in uw lichaam boren.
Reinig regelmatig de ventilatieopeningen van het elek-
trische gereedschap. De motorventilator trekt stof in het
huis en een sterke ophoping van metaalstof kan elektri-
sche gevaren veroorzaken.
Gebruik het elektrische gereedschap niet in de buurt
van brandbare materialen. Vonken kunnen deze materi-
alen ontsteken.
Gebruik geen inzetgereedschappen waarvoor vloeibare
koelmiddelen vereist zijn. Het gebruik van water of andere
vloeibare koelmiddelen kan tot een elektrische schok leiden.
Terugslag en bijbehorende veiligheidsvoorschriften
Terugslag is de plotselinge reactie als gevolg van een vastha-
kend of geblokkeerd draaiend inzetgereedschap, zoals een sli-
jpschijf, schuurschijf, steunschijf, draadborstel, enz. Vasthaken
of blokkeren leidt tot een abrupte stop van het ronddraaiende
inzetgereedschap. Daardoor wordt een ongecontroleerd elek-
trisch gereedschap tegen de draairichting van het inzetgereed-
schap versneld op de plaats van de blokkering.
Als bijvoorbeeld een slijpschijf in het werkstuk vasthaakt of
blokkeert, kan de rand van de slijpschijf die in het werkstuk in-
valt, zich vastgrijpen. Daardoor kan de slijpschijf uitbreken of
een terugslag veroorzaken. De slijpschijf beweegt zich vervol-
gens naar de bediener toe of van de bediener weg, afhankelijk
van de draairichting van de schijf op de plaats van
de blokkering. Hierbij kunnen slijpschijven ook breken.
Een terugslag is het gevolg van verkeerd of onjuist gebruik van
het elektrische gereedschap. Terugslag kan worden voorko-
men door geschikte voorzorgsmaatregelen, zoals hieronder
beschreven.
Houd het elektrische gereedschap goed vast en breng
uw lichaam en uw armen in een positie waarin u de te-
rugslagkrachten kunt opvangen. Gebruik altijd de ex-
tra handgreep, indien aanwezig, om de grootst
mogelijke controle te hebben over terugslagkrachten
of reactiemomenten bij het op toeren komen. De bedie-
ner kan door geschikte voorzorgsmaatregelen de terug-
slag- en reactiekrachten beheersen.
Breng uw hand nooit in de buurt van draaiende inzet-
gereedschappen. Het inzetgereedschap kan bij de terug-
slag over uw hand bewegen.
Mijd met uw lichaam het gebied waarheen het elektri-
sche gereedschap bij een terugslag wordt bewogen.
De terugslag drijft het elektrische gereedschap in de rich-
ting die tegengesteld is aan de beweging van de slijpschijf
op de plaats van de blokkering.
Wees bijzonder voorzichtig bij het werken rond hoeken,
scherpe randen enz. Voorkom dat inzetgereedschappen
het werkstuk raken en vast komen te zitten. Het ronddraai-
ende inzetgereedschap neigt ertoe zich vast te klemmen bij
hoeken, scherpe randen of wanneer het terugspringt. Dit ver-
oorzaakt een controleverlies of terugslag.
Gebruik voor het zagen van hout geen kettingzaag-
blad, geen gesegmenteerde diamantdoorslijpschijf
met een segmentafstand van meer dan 10 mm of een
getand zaagblad. Zulke inzetgereedschappen veroorza-
ken vaak een terugslag of het verlies van de controle.
Bijzondere veiligheidsvoorschriften voor schuur-
werkzaamheden met schuurpapier
Gebruik geen schuurbladen met te grote afmetingen,
maar houd u aan de voorschriften van de fabrikant voor
de maten van schuurbladen. Schuurbladen die over de rand
van de steunschijf uitsteken, kunnen verwon-dingen
veroorzaken en kunnen tot blokkeren, scheuren van de
schuurbladen of terugslag leiden.
Overige veiligheidsvoorschriften
Uitsluitend voor gebruik buitenshuis goedgekeurde ver-
lengkabels gebruiken.
Het afschuren van loodverf wordt afgeraden. Het verwijde-
ren van loodverf mag alleen door een vakman gebeuren.
Het schuren van gipskartonplaten en gips kan tot opbouw
van statische elektriciteit op het gereedschap leiden. Voor
uw veiligheid is de wandschuurmachine geaard. Gebruik
voor de afzuiging alleen een geaarde stofzuiger.
Geen materialen bewerken waarbij voor de gezondheid
gevaarlijke stoffen vrijkomen (bijvoorbeeld asbest). Tref
veiligheidsmaatregelen wanneer er stoffen kunnen ont-
staan die schadelijk voor de gezondheid, brandbaar of ex-
plosief zijn. Draag stofmasker! Gebruik een
afzuiginstallatie.
Gevaar voor materiële schade!
De netspanning en de op het typeplaatje vermelde spannings-
gegevens moeten overeenkomen.
Geluid en trillingen
LET OP
Waarden voor het A-gewogen geluidsniveau en de totale
trillingswaarden staan in de tabel op pagina 5.
De geluids- en trillingswaarden zijn vastgesteld volgens
EN 62841.
VOORZICHTIG!
De aangegeven meetwaarden gelden voor nieuwe gereed-
schappen.
Bij dagelijks gebruik veranderen geluids- en trillingswaarden.
37