Gebruik jumpers (
of einde lijn van de tak 485 door de jumper eenvoudig te verplaatsen naar de
positie aangegeven met
Zie voorbeeld afb. 6 en 7
We e r s t a n d
einde lijn:
UITGESCHA-
KELD
. CONFIGURATIE
De Bus RS485 op de Network Controller wordt ingesteld door middel van de
programmeringsknop. De instellingen ervan worden weergegeven door de
signaleringsleds.
. LED-AANDUIDINGEN EN PROGRAMMERINGSFUNCTIES:
Led 1 geeft aan dat de Network Controller gevoed wordt, terwijl de leds van
2 tot 6 het dataverkeer naar de Door Controllers aangeven.
Programmeringsmodi:
Stappen voor het openen van de programmering:
1. Druk kort op de knop om de programmering te openen.
2. Automatisch wordt de functie 1 weergegeven: led 1 aan.
3. Druk n keer op de knop om de gewenste functie te bereiken.
4. Door lang op de knop te drukken wordt de geselecteerde functie geopend.
(wanneer u lang genoeg op de knop gedrukt heeft zullen alle leds snel knip-
peren)
Beschikbare functies:
Functies
1
weergave en wijziging baudrate RS485-1
2
weergave en wijziging baudrate RS485-2
6
Functie 1 en 2
Weergave en wijziging baudrate van de RS485. Activeer de functie door de
Programmeringsknop in te drukken; schakel "LED 1 of 2" in.
De leds van 1 tot 5 tonen de ingestelde configuratie.
Druk voor de wijziging op de knop en selecteer de gewenste baudrate; bevestig
door opnieuw op de knop te drukken tot alle leds beginnen te knipperen.
Network Controller
J8 of J9
) voor het aanbrengen van de weerstand voor begin
R.
8
6
R
Beschrijving
(van 1 tot 5)
(van 1 tot 5)
reset netwerkparameters
Vertaling van de originele instructies
We e r s t a n d
einde lijn:
I N G E S C H A -
KELD
58
9
7
R
Standaard
3 - (57600)
3 - (57600)
532227 - Rev.C
NL