Montage van de aanslagrail, afb. 18
Monteer de tussenplaat met 2 platte rondbouten M6 x 50,
2 volgringen A 6 en 2 vleugelmoeren op de lengteaanslag.
Schuif de aanslagrail op de tussenplaat en klem deze
vast met de vleugelmoeren.
Legenda:
1 = hoog aanlegvlak
2 = laag aanlegvlak
Voor het klemmen trekt u de klemklep omhoog, voor
het losmaken, drukt u deze weer omlaag.
Zaagblad vervangen, afb. 19
Let op! Neem de voedingsstekker uit het stopcontact
en draag veiligheidshandschoenen.
Draai de vleugelschroef los van de afzuigkap (20) en
verwijder deze.
Afb. 20
Draai de 4 kruiskopschroeven van het tafelinzetstuk
(19) los en verwijder deze.
Afb. 21
Zet het zaagblad geheel naar boven en draai de bout
los met het zaagbladsleutel.
Let op! linkse schroefdraad
Afb. 22
Verwijder de zaagbladflens (31) en het zaagblad (32).
Vervang nu het zaagblad.
Bij het monteren van de zaagbladflens moet u de uit-
sparing in acht nemen.
Na het vervangen van het zaagblad controleert u de
splijtwiginstelling en monteert u weer het tafelinzetstuk
(19) en de afzuigkap (20).
8. Transport
De machine mag uitsluitend met een geschikte hijs-
voorziening (kraan of vorkheftruck) worden getrans-
porteerd. Het aanslagpunt voor de kabel (kraan) be-
vindt zich op de bovenste bandwielbehuizing.
Til de machine nooit aan de zaagtafel op.
Door het optillen aan de voorzijde van de machine kan
deze eenvoudig in de werkplaats, overeenkomstig de
eisen aan de ruimte, worden verplaatst.
9.
Werkinstructies
Na elke nieuwe instelling adviseren wij een testsnede
om de ingestelde afmetingen te controleren.
Na het inschakelen van de zaag moet u wachten tot het
zaagblad het maximum toerental heeft bereikt, voordat
u de snede uitvoert.
Lange werkstukken tegen omkantelen aan het einde
van het snijproces borgen (bijv. rolstaander etc.).
Let op bij het insnijden.
Gebruik het apparaat alleen met afzuiging. Controleer
en reinig regelmatig de afzuigkanalen.
Let erop dat u een zaagblad kiest dat geschikt is voor
het te zagen materiaal.
Sluit de machine aan op een stofopvanginrichting wan-
neer u hout zaagt.
Gebruik geen zaagbladen van hooggelegeerd snel-
draaistaal (HSS-staal).
Gebruik de schuifstok of de handgreep met duwhout
om het werkstuk goed langs het zaagblad te geleiden.
Bewaar de schuifstok of het duwhout altijd bij het elek-
trische apparaat als u deze niet gebruikt.
Schuine instelling van het zaagblad
• Na het losdraaien van de beide klemschroeven is
het zaagblad traploos van 90° tot 45° (zie schaal-
verdeling) verstelbaar.
• Controleer de instelling aan de hand van een testsnede.
• De stelbouten indien nodig bijstellen.
In hoogteverstelling van het zaagblad
Het zaagblad is traploos van 0 tot 83 mm in zaaghoog-
te verstelbaar.
Voor het veilig en schoon werken een geringe zaag-
blad-overstek ten opzichte van het werkstuk kiezen.
De splijtwig instellen zoals in afbeelding 22 weergegeven.
De splijtwig is een belangrijke veiligheidsvoorziening
die het werkstuk geleidt en bovendien het sluiten van de
snijvoeg achter het zaagblad evenals het terugslaan van
het werkstuk voorkomt. Let op de dikte van de splijtwig.
De splijtwig mag niet dunner zijn dan het zaagblad zelf,
en niet dikker dan de bijbehorende snijvoegbreedte.
Er mogen uitsluitend zaagbladen met een doorsnede
van 315 mm en een dikte van 2,4 mm (tanden 3,0 mm /
3,2 mm) worden gebruikt.
De afdekkap moet bij elke werkprocedure op het werk-
stuk worden neergelaten. De afdekkap moet bij elke
werkprocedure horizontaal op het werkstuk staan.
Langssneden
Voor parallel snedes de lengteaanslag gebruiken.
Bij zaagbreedtes boven 120 mm de aanslagliniaal met
www.scheppach.com
NL | 75