herladen van de accupack te zorgen. Dit is in elk
geval noodzakelijk, wanneer u vaststelt dat het
vermogen van het apparaat afneemt. Ontlaad de
accupack nooit helemaal. Dat leidt tot een defect
van de accupack!
Accu-capaciteitsindicatie (fi g. 14)
Druk op de schakelaar voor accu-capaciteitsindi-
catie (pos. A). De accu-capaciteitsindicatie (pos.
B) signaleert de laadtoestand van de accu aan de
hand van 3 LEDs.
Alle 3 LEDs branden:
De accu is vol geladen.
2 of 1 LED(s) branden:
De accu beschikt over voldoende restlading.
1 LED knippert:
De accu is leeg, laad de accu op.
Alle LEDs knipperen:
De temperatuur van de accu is te laag. Verwijder
de accu van het apparaat en laat de accu één
dag liggen bij ruimtetemperatuur. Als de fout
opnieuw optreedt, dan werd hij diep ontladen en
is hij defect. Neem de accu van het apparaat. Een
defecte accu mag niet meer gebruikt resp. gela-
den worden.
6. Bediening
Voorzichtig!
De gazonmaaier is voorzien van een veiligheidss-
chakeling om onbevoegd gebruik te voorkomen.
Onmiddellijk vóór ingebruikneming van de ga-
zonmaaier de veiligheidsstekker (fig. 15/pos. 12)
inzetten en bij elke onderbreking of aan het einde
van het werk de veiligheidsstekker terug verwij-
deren.
Voorzichtig!
Om het onbedoeld inschakelen te voorkomen is
de grasmaaier voorzien van een beveiliging (fi g.
16, pos. 8), die moet worden ingedrukt voordat
de schakelbeugel (fi g. 16, pos. 1) kan worden
geactiveerd. Wanneer de inschakelbeugel wordt
losgelaten, wordt de grasmaaier uitgeschakeld.
De starttijd kan enkele seconden bedragen. Voer
deze procedure meermaals uit om er zeker van
te zijn dat uw toestel correct werkt. Voordat u een
herstelling of onderhoudswerkzaamheid op het
toestel verricht dient u er zich van te vergewissen
Anl_GE_CM_36_43_Li_M_SPK13.indb 81
Anl_GE_CM_36_43_Li_M_SPK13.indb 81
NL
dat het mes niet draait en dat de veiligheidsstek-
ker uit het stopcontact is getrokken.
Waarschuwing! Open de uitwerpklep nooit
als de opvanginrichting leeg wordt gemaakt
en de motor nog draait. Het roterende mes
kan verwondingen veroorzaken.
Maak de uitwerpklep of de grasopvangzak steeds
zorgvuldig vast. Als u die wilt verwijderen, moet u
voordien de motor stopzetten.
De door de geleidestangen gegeven veiligheid-
safstand tussen meskooi en gebruiker dient
steeds in acht te worden genomen. Tijdens het
maaien en veranderen van rijrichting op bermen
en hellingen dient u bijzonder voorzichtig te werk
te gaan. Let op een veilige stand, draag schoenen
met slipvaste zolen met stroef profi el en een lan-
ge broek.
Maai steeds dwars over de helling. Op hellingen
van meer dan 15° mag om veiligheidsredenen het
gras niet met de maaier worden afgereden.
Wees bijzonder voorzichtig bij het achteruit bewe-
gen en trekken van de maaier. Struikelgevaar!
Instructies voor het correct maaien
Voor het gras afrijden is een overlappende werk-
wijze aan te bevelen.
Maai enkel met een scherp en intact mes zodat
de grashalmen niet uitrafelen en het gazon niet
geel wordt.
Om een keurig maaipatroon te bereiken leidt u
de maaier in zo recht mogelijke banen. De banen
moeten elkaar steeds overlappen met enkele
centimeters, zodat er geen stroken blijven staan.
De looptijd van de accu, en dus de met een
acculading mogelijke oppervlaktecapaciteit in
vierkante meter, is grotendeels afhankelijk van
de eigenschappen van het gazon (bijv. dicht-
heid, vochtigheid, lengte, maaihoogte...) en de
maaisnelheid (staptempo). Voor de individuele
aanpassing van de oppervlaktecapaciteit wordt
aanbevolen om het gazon vaker, met grotere sni-
jhoogte en in een passend tempo te maaien. Het
frequente in- en uitschakelen van het apparaat
tijdens het maaien verlaagt eveneens de opperv-
laktecapaciteit. Mocht de looptijd van de accu
(oppervlaktecapaciteit) ondanks de bovengeno-
emde maatregelen niet naar tevredenheid zijn,
dan kunnen accu's met een grotere capaciteit
(Ah) uitkomst bieden.
- 81 -
05.11.2024 10:23:02
05.11.2024 10:23:02