®
TV 450/455
De spanningsval wordt als volgt berekend:
waar:
ΔUberekende spanningsval
Z.........impedantie op testpunt
Z
......impedantie op referentiepunt
REF
I
.........rated stroom van geselecteerde zekering
N
U
.......nominale spanning (zie onderstaande tabel)
N
Opmerking:
Als de referentie-impedantie niet is ingesteld, wordt de waarde van Z
❑
0,00 Ω.
wordt gewist (ingesteld op 0,00 Ω) als de CAL toets wordt ingedrukt terwijl het
De Z
❑
REF
instrument niet is aangesloten op een spanningsbron.
I
wordt berekend zoals beschreven in hoofdstuk 5.6.1 Lijnimpedantie en verwachte
❑
SC
kortsluitstroom.
Als de gemeten spanning buiten de in de bovenstaande tabel beschreven bereiken valt,
❑
wordt het ΔU-resultaat niet berekend.
Hoge schommelingen in de netspanning kunnen de meetresultaten beïnvloeden (het
❑
ruissymbool
om enkele metingen te herhalen om te controleren of de meetwaarden stabiel zijn.
U
Bereik ingangsspanning (L-N of L1-L2)
n
110 V
(93 V U
230 V
(185 V U
400 V
(321 V U
wordt weergegeven in het berichtenveld). In dit geval is het aan te raden
134 V)
L-PE
266 V)
L-PE
485 V)
L-N
48
Lijnimpedantie
beschouwd als
REF