Wanneer de rookmelder een van
beide genoemde waarschuwingssig-
nalen laat horen, kan het apparaat
nog maximaal 60 dagen gebruikt
worden. De rookmelder moet voor
het verstrijken van deze periode
absoluut vervangen worden!
MONTAGE
De RM 20 wordt via een magneet aan
het plafond bevestigd. Hierna
worden twee mogelijke manieren beschre-
ven om de magneet aan het plafond
te bevestigen. Let er daarbij op, dat
de magneet slechts aan een zijde
magnetisch is.
LIJMEN
Wanneer u het apparaat met lijm
wilt bevestigen, mag u hiervoor
uitsluitend het meegeleverde plak-
materiaal gebruiken! De montageplek
moet stabiel, droog en vrij van vet,
stof en loszittende verfdeeltjes enz.
zijn. Verwijder de informatiesticker
en de beschermfolie van het gebruikte
plakmateriaal, zoals getoond in
afbeelding 3 en druk de magneet-
plaat ca. 10 seconden stevig op de
montagepositie. Vervolgens kunt u
het apparaat op de magneetplaat
(afb. 1, punt III.) plaatsen. De uitein-
delijke sterkte van de lijmverbinding
wordt na ca. 72 uur bereikt.
– 44 –
BOREN
Boor op de gewenste plek met een
8 mm-boor een gat en steek de
meegeleverde plug daarin. Vervolgens
dient u de meegeleverde 5 mm-
schroef met verzonken kop door de
onderkant van de hieronder afge-
beelde magneetbasis (III) te steken
en zodanig aan te draaien, dat de
kop in de magneet verzinkt. Steek
hiervoor de schroef in de hiervoor
bedoelde opening.
De schroef moet volledig in de
daarvoor bestemde ruimte van de
magneetverbinding (Afb. 4) gedraaid
worden om een veilige montage van
het apparaat te garanderen. Draai de
schroef niet te strak aan. De mag-
neetplaat kan anders vervormd
worden.
Afb. 3
ALGEMENE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
Rookmelders kunnen helpen om een
brand vroegtijdig te signaleren. Ze
kunnen vuur echter niet blussen of
voorkomen, net zo min als ze de
brandweer kunnen waarschuwen.
Rookmelders produceren een luid
alarmsignaal wanneer er een gevaar-
lijke situatie bestaat door de aanwe-
zigheid van brandbare gassen.
Ondanks het zorgvuldige productie-
proces is het mogelijk, dat de rook-
melder als gevolg van een storing
de onstane brand niet of niet tijdig
kan melden! U dient daarom de
gebruikelijke voorzorgsmaatregelen
in acht nemen bij het gebruik van
brandbaar materiaal en technische
apparaten of bij de aanwezigheid
van open vuur.
Dit apparaat is een gesloten systeem.
Elke inbreuk op het apparaat, van
welke aard dan ook, heeft naast het
verlies van elke van toepassing zijnde
garantie ook tot gevolg, dat de rook-
melder niet meer volgens de voor-
Afb. 4
schriften gebruikt kan en mag
– 45 –
NL