PULSE / INCLINE. Wanneer het lampje INCLINE
brandt wordt de hellingsgraad weergegeven op het
scherm PULSE / INCLINE.
11 LED-PROGRAMMALAMPJES:
P2, P3, P4, P5, P6, P7, P8, gebruikersinstelling U1
en gebruikersinstelling U2.
toont de informatie in actie.
B. SCHERM PROGRAM :
toont de trainingstijd optellend of
C. SCHERM TIME :
aftellend. Wanneer de loopband niet in gebruik is
en de veiligheidssleutel op monitor staat, kan het
scherm gekozen worden door op ENTER/RESET
te drukken en dan ingesteld met "+" of "-". Het
optelbereik gaat van 00:00 tot 99:59, het aftelbereik
van 10:00 tot 99:00. Na het aftellen tot 00:00 geeft
de monitor biepsignalen en stopt de loopband.
toont de snelheid die de loopband
D. SCHERM SPEED :
levert. Kan ingesteld worden met de toetsen
"SPEED +" en "SPEED -" van 0,8 tot 16 km/u.
Toont de afstand optellend of
E. SCHERM DISTANCE :
aftellend. Het optelbereik gaat van 0,00 tot 999 km,
het aftelbereik van 999 tot 0 km. Na het aftellen
tot 0 geeft de monitor biepsignalen en stopt de
loopband.
Toont de calorieën optellend of
F. SCHERM KCAL :
aftellend. Het optelbereik gaat van 0 tot 999 Kcal,
het aftelbereik van 999 tot 0 Kcal. Na het aftellen
tot 0 geeft de monitor biepsignalen en stopt de
loopband.
G. SCHERM PULSE / INCLINE :
is standaard de hartslag en het lampje PULSE
brandt. Tijdens de instelling verandert het naar
hellingsgraad % en brandt het lampje INCLINE.
WERKINGSINSTRUCTIES
(LEES AANDACHTIG DOOR ALVORENS HET
TOESTEL TE GEBRUIKEN)
A. VEILIGHEID:
Om te beginnen: schakel het toestel aan en plaats
de veiligheidssleutel op de monitor. Het toestel
en de LED-schermen werken niet indien de
veiligheidssleutel niet geplaatst is. Het andere uiteinde
van de veiligheidssleutel moet vastgeclipt worden
aan de gebruiker om ervoor te zorgen dat het toestel
stopt indien de gebruiker per ongeluk van de band zou
lopen. Bij een val wordt de veiligheidsleutel van de
monitor getrokken en stopt de loopband onmiddellijk
om verwondingen te voorkomen.
B. PROGRAMMAKEUZE:
Er zijn 11 programma's, waaronder 1
manual, 6 vooraf ingestelde programma's, 2
hartslagprogramma's en 2 gebruikersprogramma's
waaruit gekozen wordt met de toets MODE.
C. PROGRAMMAGRAFIEK:
PROGRAMMA'S 1 - 4: hellingsprogramma's (de
helling verandert automatisch tijdens de training).
De grafieken in het scherm PROGRAM geven het
hellingsgraadsprofiel weer.
PROGRAMMA'S 5 -6 : snelheidsprogramma's (de
snelheid verandert automatisch tijdens de training)
De grafieken in het scherm PROGRAM geven het
snelheidsprofiel weer.
Het scherm bevat 20 kolommen. Indien de waarde
TIME niet is ingesteld, duurt elk programma 20
minuten of 1 minuut voor elk interval. Indien de
waarde TIME is ingesteld, varieert elk interval. Bij
tonen de functie P1,
voorbeeld, indien de waarde TIME is ingesteld op
10 minuten aftellend, duurt elk interval 10 minuten
gedeeld door 20 intervals (10/20=0,5) of 30 seconden.
D. TRAINEN MET EEN SPECIFIEK DOEL
In alle programma's (niet P4, 7, 8) kan de gebruiker
de waarden en de tijd instellen voor de training. Druk
op ENTER/RESET om de waarde te selecteren en
stel de waarde in met de toetsen SPEED + en SPEED
-. Indien geen waarden worden ingesteld blijven ze
allemaal op 0. De gebruiker kan zolang lopen als
hij wenst. De gebruiker kan ook de gewenste tijd
instellen en laten aftellen. Indien bij voorbeeld TIME
wordt ingesteld op 10 minuten, stopt de loopband na
10 minuten.
E. HARTSLAG
Er zijn twee manieren om uw hartslag te meten.
De eerste is gebruikmaken van de handsensor, de
tweede is een borstband. De handsensor is standaard
ingesteld als meetmethode. Houd met beide handen
de handsensoren vast. Er zijn 2 sensoren (2 metalen
de getoonde waarde
onderdelen). Elke hand moet een metalen onderdeel
vasthouden om de meting te starten. De hartslag wordt
weergegeven op het scherm "PULSE/ INCLINE". Er
kan ook gebruik worden gemaakt van een borstband
om de hartslag te meten.
Plaats de veiligheidssleutel in de stand op de monitor.
De monitor wordt ingeschakeld. Druk op MODE om
het gewenste programma te kiezen.
OPMERKING:
Indien u geen specifiek doel wenst te bereiken,
drukt u gewoon op START/STOP om de training te
beginnen. Om een doel over te slaan, drukt u op de
toets ENTER/RESET om naar de volgende waarde
over te gaan en deze functie te laten optellen. Indien u
meer dan één doel instelt, drukt u zodra het eerste doel
bereikt is nogmaals op START/STOP. Deze waarde
blijft aftellen af tot het volgende doel bereikt is.
MANUAL
Druk op de toets ENTER/RESET om in dit
programma te gaan. Het venster TIME knippert.
Gebruik de toetsen + / - om de gewenste trainingstijd
in te stellen. Druk op de toets ENTER/RESET om
de ingestelde waarde te bevestigen. Het venster
DISTANCE knippert. Gebruik de toetsen + / -
om de gewenste afstand in te stellen. Druk op de
toets ENTER/RESET om de ingestelde waarde te
bevestigen. Het venster CALORIE knippert. Gebruik
de toetsen + / - om het gewenste calorieverbruik in
te stellen. Druk op de toets ENTER/RESET om de
ingestelde waarde te bevestigen. Druk op START/
STOP om uw training te beginnen.
H A N D L E I D I N G • T 3
WERKING
N L
33