Onderhoud en inspectie uitrusting
Inspectie voor het klimmen
Elke keer voor u het ropewrench-systeem gebruikt moeten alle onderdelen worden gecontroleerd op
schade, slijtage en compatibiliteit met de huidige situatie. Gebruik nooit een uitrustingsstuk dat niet door
alle controles hieronder is gekomen.
Standaard uitrustingscontoles
Lijnen & lijnaccessoires
Lees de instructies van de producent van de lijn.
Elke lijn (vooral de klimlijnen, klemknopen en bandslings) moet worden gecontroleerd op alles dat er niet
standaard uitziet, waaronder:
• Voer een visuele en tactiele test uit.
• Controleer de conditie van de omhulling over de gehele lengte van de lijn, zoek naar aanwijzingen
voor insnijdingen, slijtage, verontreiniging, wegglijden van het omhulsel, uitstulpingen door verbranding,
vlakke delen, stijfheid en vuil/gruis etc.
• Laat de lijn door uw handen glijden, maak een lus waarbij u een constante bocht in de lijn maakt. De
lijn moet een regelmatige bocht vertonen over de gehele lengte.
• Controleer de toestand van de beschermende delen die genaaide gedeelten of splitsingen bedekken.
Bij gestikte uiteinden de beschermhoes wegschuiven en controleer dat de stiksels niet zijn doorgesleten,
kapotgetrokken of uitgerekt.
• Indien nodig knopen eruit halen om de uiteinden van de lijn te controleren op slijtage en vervorming.
• Zorg dat alle lijnen worden bewaard in een schone, droge en corrosievrije omgeving
(of door de producent als acceptabel aangegeven omgeving). Door de lijn bloot te stellen aan ongunstige
omstandigheden langer dan noodzakelijk voor het uitvoeren van de boomverzorging, kan leiden tot
onzichtbare verzwakking waardoor de lijn onbruikbaar wordt.
Karabijnhaken, katrollen en stijgklemmen
Elk uitrustingsstuk is anders, afhankelijk van de keuze van de klimmer. Vandaar dat ze allemaal op hun
eigen manier moeten worden gecontroleerd. Volg deze algemene richtlijnen
1. Begin altijd met het lezen van de handleiding voor het betreffende uitrustingsstuk.
2. Bedien het uitrustingstuk verschillende keren om u te overtuigen van correcte werking (bijvoorbeeld
bij de karabijnhaak, ontgrendel, open en laten sluiten).
3. Controleer op bramen of scherpe randen.
Klimgordel.
Elke klimgordel is anders, afhankelijk van de keuze van de klimmer. Lees de handleiding voor informatie
over de controles voor het klimmen.
Specifieke controles ropewrench
1. Controleer de volledige uitrusting op bramen of scherpe randen die eventueel tijdens gebruik of opslag
zijn ontstaan.
2. Voer een visuele controle uit op de sluitpen om te zorgen dat het geactiveerde lipje naar buiten steekt
en de sluitpen niet kan bewegen.
3. Probeer de sluitpen uit het systeem te trekken om te controleren of het verende lipje het verwijderen
van de sluitpen voorkomt.
4. Zorg dat de sluitpen niet te veel versleten is. De sluitpen is gevoelig voor slijtage door de wrijving
met de klimlijn.
5. Controleer de zijplaten op schade. De zijplaten zijn zo ontworpen dat ze iets gebogen zijn, maar wel
symmetrisch.
6. Draai aan het wiel om te zien of het vrij draait en niet wordt geblokkeerd door vezels van de lijn of
andere voorwerpen.
7. Controleer of de moer van het bevestigingspunt van de bandsling vast zit en dat er geen openingen zijn
tussen de kop van de moer en de buitenkanten van de zijplaten.
Dynamische inspecties
Tijdens de klim moet de klimmer, als een professional, het gehele systeem en de omgeving voortdurend
controleren op veranderingen die een gevaar kunnen veroorzaken. Een klemknoop kan bijvoorbeeld los
raken en anders reageren na een zeer lange afdaling. Onthoud de 'TREES'-methode zoals hieronder
beschreven voor veiligheid tijdens het klimmen.
[T] Stevige klemknoop Zorg dat de klemknoop altijd goed vastzit en activeert bij een val. Zelfs als een
53
RP280 series: Issue C - June 2019