9 Onderhoud
9 Onderhoud
9.1 Veiligheid
9.1.1 Veiligheidsinstructies voor het onderhoud
Storingen aan het hefapparaat mogen alleen door gekwalificeerde monteurs voor mechanica en elektrotechniek worden
verholpen.
Het personeel moet de gebruiksaanwijzing hebben gelezen en begrepen.
LET OP
Ontsnappende perslucht en open zuigpunten.
Gevaar voor letsel door meegevoerde stofdeeltjes en door het intrekken van lichaamsdelen in zuigopenin-
gen!
4Onderbreek indien mogelijk de energievoorziening van het hefapparaat
voordatonderhoudswerkzaamheden uitvoert. Als dit niet mogelijk is, houd dan altijd voldoende
afstand tot de gevarenzone en draag PBM.
WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel door ondeskundig onderhoud of storingsverhelping
4Controleer na elk onderhoud of elke storing de juiste werking van het product, in het bijzonder van de
veiligheidsvoorzieningen.
9.1.2 Beschermende uitrusting
Voor de installatie en voor storingsverhelping, onderhouds- en reparatiewerkzaamheden is de volgende beschermende
uitrusting vereist:
•
Veiligheidsschoenen veiligheidsklasse S1 of hoger
•
Stevige werkhandschoenen veiligheidsklasse 2231 of beter
•
Veiligheidsbril klasse F
•
Haarnet bij lang haar
9.2 Regelmatige controles
•
Neem de landspecifieke voorschriften in acht.
•
Houd u aan de landenspecifieke voorgeschreven inspectietermijnen.
•
Geef het hefapparaat pas vrij voor gebruik na goedkeuring door de autoriteiten.
Controleplaatje met laatste en volgende inspectiedatum
44
DE · 30.30.01.05345 · 00 · 01/26