3.1. Voor gebruikers
3.1.1. Vooraf ingestelde posities gebruiken
VOORZICHTIG
6
Gevaar voor letsel
• Alle onderdelen van de rolstoel (rug, zit, beensteun) zullen gelijktijdig bewegen zodra u
een opgeslagen positie kiest. Zorg ervoor dat er geen lichaamsdelen gekneld of geplet
kunnen raken tussen bewegende onderdelen van de rolstoel.
1.
Navigeer door het S-menu (om de lichaamspositie aan te passen) op het touchscreen tot u
het submenu "Comfort" of "Clinical" bereikt.
2.
Druk de joystick naar voor of achter, afhankelijk van welke positie u wilt aannemen. De
relevante rolstoelonderdelen beginnen te bewegen.
3.
Als u de automatische beweging wilt stoppen, drukt u opnieuw kort tegen de joystick. De
rolstoelonderdelen stoppen onmiddellijk met bewegen.
3.1.2. Vooraf ingestelde posities programmeren
1.
Wijzig de positie van de rug, zit en beensteun afzonderlijk via de functies in het S-menu tot
u de gewenste zitpositie bereikt.
2.
Wanneer u de lichaamspositie hebt bereikt die u in het systeem wil opslaan, opent u het
pop-upmenu "Instellingen" (K).
3.
Navigeer naar het item "Positie bijwerken". Tik erop om het overzicht van vooraf ingestelde
posities te openen.
4.
Tik op de naam van de positie die u wilt overschrijven met uw nieuwe positie. Tik op "Ja" in
het pop-upvenster om het overschrijven te bevestigen.
Gebruiksaanwijzing | 2025-02
22
LiNX Memory Positions