27
OPMERKING De opname wordt gewist wanneer het
instrument wordt uitgeschakeld�
8.6 Een ritme programmeren
U kunt met deze functie percussiegeluiden programmeren om
eigen ritmes te maken� Er kunnen tot 32 beats per keer worden
geprogrammeerd� Zodra er 32 beats worden bereikt, stopt de
opname automatisch� Er kan slechts één programma worden
ingesteld� Alle reeds opgenomen ritmes worden gewist wanneer
u een nieuw geprogrammeerde ritme opneemt�
Een ritme opnemen:
1� Druk op de PROG knop op het onderste
bedieningspaneel (H) om een ritme te programmeren�
Het led-scherm (C) geeft PRG weer� Het keyboard wordt
automatisch op een percussiemodus ingesteld�
2� Druk op de gewenste toetsen om een ritme op te nemen�
3� Druk opnieuw op de PROG knop op het onderste
bedieningspaneel (H) om de opname te stoppen� PRG
verdwijnt van het led-scherm (C)�
28
Het tempo van het ritme aanpassen:
Het tempo kan tijdens het programmeren van een ritme worden
aangepast� Om het ritme aan te passen, zie het hoofdstuk "7.6
Het tempo instellen" op pagina 94�
Een geprogrammeerde ritme in een lus afspelen:
1� Druk op de PLAY (AFSPELEN) knop op het onderste
bedieningspaneel (H)� Het led-scherm (C) geeft PLAY weer�
2� Druk opnieuw op de PLAY (AFSPELEN) knop op het onderste
bedieningspaneel (H) om het afspelen te stoppen� PLAY
verdwijnt van het led-scherm (C)�
8.7 Ingebouwd geheugen
Deze functie stelt u in staat om tot 3 sets klankkleuren-, ritme-
en tempo-informatie op te slaan�
De klankkleur, ritme en tempo opslaan:
1� Stel een gewenste ritme, klankkleur en tempo in�
2� Druk en houd de MEMORY (GEHEUGEN) knop op het voorste
bedieningspaneel (D) ingedrukt en druk vervolgens op de
M1, M2 of M3 knop van het voorste bedieningspaneel (D) om
de instelling in het geselecteerde geheugen op te slaan�
Een instelling in het geheugen ophalen:
Druk op de M1, M2 of M3 knop op het voorste
bedieningspaneel (D) om een gewenst geheugen in te stellen�
29
OPMERKING De geheugeninstellingen worden gewist
wanneer het instrument wordt uitgeschakeld�
9. Externe apparaten aansluiten
VOORZICHTIG
Risico op beschadiging van het product!
» Schakel alle elektronische apparaten uit, waaronder dit
instrument, alvorens de aansluitingen te maken� Stel alle
volumeniveaus in op minimum�
» Om het geluid van het instrument op een extern apparaat
te laten afspelen, schakel eerst dit instrument en vervolgens
het extern instrument in. Draai deze volgorde om voordat
een extern apparaat wordt ontkoppeld.
9.1 Audio-uitgang
Sluit dit instrument aan op een extern audio-uitgangsapparaat,
zoals een versterker, luidspreker, stereo-apparaat, mengpaneel
of recorder�
1� Steek één uiteinde van een 3,5 mm (1/8 inch) stereo-
audiokabel (niet inbegrepen) in de PHONES/OUTPUT
(KOPTELEFOON/UITGANG) aansluiting (J).
2� Steek het ander uiteinde van de audiokabel in de AUDIO IN
(AUDIO IN) of AUX IN (AUX IN) aansluiting van het extern
audioapparaat. Gebruik indien nodig een gepaste audio-
adapter (niet inbegrepen)�
9.2 Audio-ingang
Sluit dit instrument aan op een extern audio-ingangsapparaat,
zoals een versterker, smartphone, MP3- of CD-speler�
1� Steek één uiteinde van een 3,5 mm (1/8 inch) stereo-
audiokabel (niet inbegrepen) in de AUDIO IN (AUDIO IN)
aansluiting (L)�
2� Steek het ander uiteinde van de audiokabel in de
AUDIO OUT (AUDIO UIT) of AUX OUT (AUX UIT) aansluiting
van het extern audioapparaat. Gebruik indien nodig een
gepaste audio-adapter (niet inbegrepen)�
9.3 Een USB-stick aansluiten
Dit instrument is uitgerust met een UDISK MUSIC PLAYER
(U-SCHIJF MUZIEKSPELER) om muziek in het MP3-formaat af
te spelen� Deze functie stelt u in staat om creatief bezig te zijn
door uw eigen melodieën of ritmes aan de achtergrondmuziek
toe te voegen�
1� Sluit een USB-stick met een capaciteit van maximum 32 GB
(niet inbegrepen) aan op de U-SCHIJF-poort (M)�
2� Gebruik de knoppen op UDISK MUSIC PLAYER (U-SCHIJF
MUZIEKSPELER) van het onderste bedieningspaneel (H)
om het afspelen te regelen� De beschikbare opties worden
hieronder beschreven�
Pictogram
Beschrijving
Afspelen/onderbreken
Vorig liedje afspelen
Volgend liedje afspelen
Volume verhogen of verlagen
3� Schakel het instrument uit voordat de USB-stick wordt
ontkoppeld om gegevensverlies te vermijden�
NL
103