Service- en onderhoudsinformatie
Service en onderhoud van een medisch hulpmiddel zijn volledig de verantwoordelijkheid van de eigenaar
van dat hulpmiddel.
Wanneer service en onderhoud aan een hulpmiddel niet volgens de instructies worden uitgevoerd, kan de
garantie van het hulpmiddel komen te vervallen. Bovendien kan het niet onderhouden van een hulpmiddel
de klinische toestand of veiligheid van gebruikers en/of hun zorgverleners in gevaar brengen. Voer geen
service en onderhoud uit terwijl de gebruiker in het hulpmiddel zit. Neem indien nodig contact op met uw
plaatselijke dealer voor hulp bij het instellen, gebruiken of onderhouden van het product.
Levensduur
Bij normaal gebruik bedraagt de levensduur
van dit product 5 jaar, mits alle onderhouds-
en reparatiewerkzaamheden worden uitgevoerd
volgens de instructies van de fabrikant
en aantoonbaar zijn vastgelegd.
Hergebruik
Dit hulpmiddel en de accessoires/componenten
ervan zijn geschikt voor hergebruik.
Renovatie voor hergebruik
Voorafgaand aan hergebruik of als u van gebruiker
verandert, volgt u de onderhoudschecklist,
de onderhouds- en wasinstructies en voert
u regelmatig inspecties uit.
Onderhoudsinterval
De frequentie van inspecties kan afhankelijk van
het gebruik en de slijtage worden gewijzigd. Het
wordt aanbevolen om het hulpmiddel jaarlijks te
inspecteren, telkens wanneer het opnieuw voor
gebruik wordt uitgegeven en na langdurige opslag
(meer dan 4 maanden). De inspectie moet worden
uitgevoerd door een persoon die verstand heeft
van het gebruik van het hulpmiddel.
Servicechecklist:
controleer het volgende op de beoogde werking en
stel af waar nodig.
• controleer of de zwenkwielen vrij kunnen
bewegen en alle zwenkwielvergrendelingen/-
remmen makkelijk in te schakelen zijn
• controleer de zwenkvergrendeling op elk
zwenkwiel
• controleer of de hoogte en hoek van de
handvatten verstelbaar zijn en na het afstellen
in die positie blijven staan
• Controleer of moeren en bouten op het
product zijn aangehaald
• Controleer het product op scheuren of
tekenen van slijtage aan de onderdelen
• Controleer of alle etiketten op het product
intact zijn
Repareer of vervang beschadigde of versleten
onderdelen.
Onderhoud
Aanbevolen vóór elk gebruik:
Resten en vuil van het hulpmiddel te verwijderen
met een doek, warm water en een mild
reinigingsmiddel/zeep zonder chloor en laat het
voor gebruik drogen.
Visuele inspectie uitvoeren op beschadigde of
EN
NL
versleten onderdelen.
Wassen
Hoofdproduct
Dit hulpmiddel kan gedurende 10 minuten
op 60°C worden gewassen met een mild
reinigingsmiddel in een wasmachine die is
bedoeld voor medische hulpmiddelen. Gebruik de
droogfunctie van de machine om het hulpmiddel
te drogen. Demonteer alle accessoires en was ze
afzonderlijk.
Kantel/draai het hulpmiddel na het wassen
om het water eruit te laten weglopen.
Stoffen en hoezen
De hoes kan op maximaal 60°C in de
wasmachine worden gewassen met een mild
wasmiddel.
Handwas
Dit hulpmiddel en de accessoires kunnen ook met
de hand worden gewassen. Gebruik warm water
en een mild reinigingsmiddel/zeep zonder chloor
en laat alle onderdelen drogen alvorens ze te
gebruiken.
Desinfectie
Het hulpmiddel kan worden gedesinfecteerd
met een IPA-desinfectieoplossing van 70%.
Het wordt aanbevolen om resten en vuil van het
hulpmiddel te verwijderen met een doek, warm
water en een mild reinigingsmiddel/zeep zonder
chloor en het hulpmiddel te laten drogen voordat
u het desinfecteert.
Materialen
• Aluminium
• Rubber
• Kunststof
• Staal
• Stof
Oppervlaktebehandeling
De volgende processen om oppervlakken
te behandelen zijn gebruikt ter bescherming
tegen roestvorming:
• Gelakte oppervlakken = polyester
poedercoating of ED-coating
• Niet-gelakte aluminium onderdelen =
geanodiseerde coating
• Niet-gelakte stalen oppervlakken =
gegalvaniseerd
58
etac.com