Toestand van de accu controleren
Druk voor controle van de accutoestand
♦
op de toets Accutoestand t. De toe-
stand of de resterende capaciteit wordt
met de accudisplay-led r als volgt
aangegeven:
GROEN/ROOD/ORANJE = maximale
lading/capaciteit
ROOD/ORANJE = middelhoge lading/
capaciteit
ROOD = zwakke lading – accu opladen
Ingebruikname
Hulphandgreep
OPMERKING
Om veiligheidsredenen mag u dit ap-
►
paraat alleen met gemonteerde hulp-
handgreep 8 gebruiken.
Maak de hulphandgreep 8 los door
♦
deze met de wijzers van de klok mee te
draaien (zie uitvouwpagina).
De hulphandgreep 8 is op het apparaat
♦
360° draaibaar. Draai de hulphandgreep
8 naar de gewenste positie.
Maak de hulphandgreep 8 vast in de
♦
nieuwe positie door deze tegen de
wijzers van de klok in te draaien.
Diepteaanslag
Draai de draaischroef voor de diepte-
♦
aanslag q los.
Plaats de diepteaanslag w in de hulp-
♦
handgreep 8.
Let erop dat de vertanding op de diepte-
♦
aanslag w naar beneden wijst.
Trek de diepteaanslag w zo ver uit, dat
♦
de afstand tussen de punt van de boor
i en de punt van de diepteaanslag w
overeenkomt met de gewenste boor-
diepte.
U kunt de boordiepte aflezen op de
♦
schaal op de diepteaanslag w. Trek
hiervoor de waarde die op de rechter-
kant van de diepteaanslag w wordt
weergegeven (bijv. 16 cm) af van het
einde van de schaal (20 cm). De boor-
diepte is dan 4 cm (zie afb. 1).
Afb. 1
Draai de draaischroef voor de diepte-
♦
aanslag q vast om de diepteaanslag w
te fixeren.
Gereedschaps-/boorhouder
Smeer voorafgaand aan
♦
het plaatsen in de gereed-
schapshouder 9 het in-
steekeinde van het inzet-
gereedschap licht in met
het meegeleverde vet u.
OPMERKING
Het vet u is niet geschikt voor
►
transmissies/reductoren.
Plaats het gereedschap draaiend in de
♦
gereedschapshouder 9 tot het zichzelf
vergrendelt.
Verwijder zo nodig het overtollige vet
♦
met de meegeleverde doek o.
Controleer de vergrendeling door aan
♦
het gereedschap te trekken. De boor
heeft een radiale speling die inherent is
aan dit systeem.
|
57
NL / BE