Montage van de opvangkorf (zie fi g. 10 tot 12)
Steek eerst het linker behuizingsdeel (fi g. 2,
pos. 21) en het rechter behuizingsdeel (fi g. 2,
pos. 20) in elkaar zoals getoond in fi g. 10. Steek
dan het bovenste behuizingsdeel (fi g. 2, pos. 19)
op de reeds gemonteerde helften (fi g. 11). Bij
het vasthaken van de opvangkorf moet de motor
afgezet zijn en mag het snijmes niet draaien. Uit-
werpklep (fi g. 12, pos. 6) met een hand opheff en.
Met de andere hand de opvangkorf aan het hand-
vat vasthouden en van boven vasthaken (fi g. 12).
Vulniveau-indicator opvanginrichting
De opvanginrichting beschikt over een vulniveau-
indicator (fi g. 2, pos. 24). Die wordt geopend door
de luchtstroom die de maaier tijdens de werking
verwekt. Valt de klep tijdens het gras afrijden
dicht, is de opvanginrichting vol en moet worden
geleegd. Voor een perfecte werking van de vul-
niveau-indicator moeten de gaten onder de klep
steeds schoon en doorlatend zijn.
Verstellen van de maaihoogte
Waarschuwing!
Van maaihoogte mag enkel worden veranderd als
de motor afgezet en de netstekker uit het stop-
contact getrokken is.
Voordat u begint te maaien controleert u of het
maaigereedschap niet bot is en of de bevesti-
gingsmiddelen niet beschadigd zijn. Vervang
botte en / of beschadigde maaigereedschappen
om onbalans te voorkomen. Bij deze controle de
motor afzetten en de netstekker uit het stopcon-
tact trekken.
Bij het veranderen van maaihoogte dient u als
volgt te werk te gaan (zie fi g. 13):
1. De hefboom (1) naar buiten drukken.
2. De hefboom (2) naar de gewenste maaihoog-
te brengen.
3. De hefboom (1) loslaten en controleren of hij
in het arrêt goed vastzit.
Afl ezen van de maaihoogte
De maaihoogte kan in 6 trappen van 25 tot 75 mm
worden afgesteld en kan op de schaal (fi g. 14/D)
worden afgelezen.
Accu laden (fi g. 15)
1. Accupack het gereedschap uit nemen. Daar-
voor de zijdelingse grendelknop indrukken.
2. Vergelijk of de netspanning vermeld op het
kenplaatje overeenkomt met de voorhanden
zijnde netspanning. Steek de netstekker van
Anl_GE-CM_36-36_Li_SPK13.indb 97
Anl_GE-CM_36-36_Li_SPK13.indb 97
NL
de lader (9) het stopcontact in. De groene
LED begint te knipperen.
3. Steek de accu (8) de lader (9) in.
4. Onder punt "indicatie lader" vindt u een tabel
met de betekenissen van de LED-indicatie op
de lader.
Tijdens het laden kan de accu wat warm worden.
Dat is echter normaal.
Mocht het laden van de accu niet mogelijk zijn,
controleer dan
•
of op het stopcontact de netspanning voor-
handen is.
•
of een perfect contact aan de laadcontacten
van de lader voorhanden is.
Indien het laden van de accu altijd nog niet moge-
lijk is, stuur dan
•
de lader
•
en de schroever
naar onze klantenservice.
Voor een deskundige verzending verzoeken
wij u contact op te nemen met onze klan-
tendienst of het verkooppunt waar u het ap-
paraat heeft aangekocht.
Zorg er bij de verzending of verwerking van
accu's resp. het accu apparaat voor dat deze
afzonderlijk worden verpakt in plastic zakken,
om kortsluitingen en brand te vermijden!
In het belang van een lange levensduur van de
accupack is het raadzaam om op tijd voor het
herladen van de accupack te zorgen. Dit is in elk
geval noodzakelijk, wanneer u vaststelt dat het
vermogen van het apparaat afneemt. Ontlaad de
accupack nooit helemaal. Dat leidt tot een defect
van de accupack!
Ontlaadt het accu pack nooit helemaal. Dat leidt
tot een defect van het accu pack !
Montage van de accu (fi g. 14)
Open het accudeksel. Dan beide accu's telkens
de opname in steken zoals getoond in fi g. 14.
Aanwijzing!
Gebruik alleen accu's met hetzelfde vulniveau,
combineer nooit volle en half volle accu's met el-
kaar. Laad steeds beide accu's tegelijk.
De accu met de zwakkere laadtoestand bepaalt
de looptijd van het toestel. Vóór ingebruikneming
moeten steeds beide accu's vol worden geladen.
- 97 -
18.11.2024 09:49:45
18.11.2024 09:49:45