• Begin met het maaien in de nabijheid
van het stopcontact en werk van het
stopcontact weg.
• Leid het verlengsnoer altijd achter u en
breng het na het keren tot aan de reeds
gemaaide zijde.
• Leid het apparaat stapvoets in zo recht
mogelijke banen. Om volledig te maai-
en, dienen de banen zich altijd enkele
centimeters te overlappen.
• Stel de snoeidiepte zodanig in, dat het
apparaat niet overbelast wordt. In het
andere geval kan de motor beschadigd
worden.
• Werk op hellingen altijd dwars op de
helling. Wees uiterst voorzichtig wan-
neer u achteruitstapt en het apparaat
voorttrekt.
• Reinig het apparaat telkens na gebruik
zoals in hoofdstuk „Reiniging, onder-
houd, opslag" beschreven.
Schakel na het werk en voor het
transport het apparaat uit, trek de
netstekker uit en wacht de stilstand
van het mes af. Er bestaat gevaar
voor lichamelijke letsels.
Verschil tussen grasmaaien
en gazonmulchen
Bij gebruik van de mulchkit (22) wordt het
gemaaid gras niet opgevangen in een
grasopvangbak, maar fijngehakt en over
het gazon verdeeld. De voedingsstoffen in
het maaisel worden afgebroken door bo-
demorganismen en vormen een voedings-
cyclus. Een gemulcht gazon hoeft daarom
veel minder vaak te worden bemest.
In principe moet het gazon relatief vaak
worden gemaaid, zodat er slechts kleine
hoeveelheden mulch op het gazon achter-
blijven.
Het is daarom het beste om het gazon min-
stens één keer per week te mulchen en de
maaier zo af te stellen dat slechts ongeveer
40% van de totale hoogte van het gazon
gemulcht wordt. Als de mulch zichtbaar
blijft op het gazon (bijvoorbeeld bij het
maaien van het gazon voor de eerste keer
van het jaar of bij sterke groei), moet de
grasopvangbak (13) worden gebruikt.
Reiniging/onderhoud/
opslag
Laat werkzaamheden, die
niet in deze handleiding be-
schreven zijn, door een door
ons gemachtigde klanten-
serviceafdeling doorvoeren.
Gebruik uitsluitend originele
onderdelen.
Draag bij de omgang met het mes
handschoenen.
Schakel vóór alle onderhouds- en
reinigingswerkzaamheden het ap-
paraat uit, trek de netstekker uit en
wacht de stilstand van het mes af.
Er bestaat gevaar voor lichamelijke
letsels.
Algemene reinigings- en
onderhoudswerkzaamheden
Spuit de grasmaaier niet met
water schoon.
• Houd het apparaat steeds netjes. Ge-
bruik voor de reiniging een vorstel of
een doek, maar geen reinigings- c.q.
oplosmiddelen.
• Verwijder na het maaien vastklevende
plantenresten met een stuk hout of plas-
tic van de wielen, de ventilatieopenin-
NL
BE
73