Zet de remmen aan:
WAARSCHUWING!
!
Rem altijd tegelijkertijd rechts en links, zodat ze niet ongelijkmatig slijten. Controleer de
remmen voor elk gebruik op correcte afstelling en functionaliteit. De parkeerrem moet
altijd worden geactiveerd voordat u de stoel gebruikt. Gebruik de rollator niet meer als
de remmen niet meer correct kunnen worden afgesteld.
De remmen moeten van tijd tot tijd worden bijgesteld vanwege slijtage. Als het
remvermogen afneemt of ongelijkmatig is, moet u de remmen opnieuw vastzetten.
1
2
Gebruik van de stoel:
VOORZICHTIGHEID!
!
Gebruik de stoel alleen als de parkeerrem is geactiveerd. Duw niet tijdens het gebruik van
de stoel en duw niet tegen iemand anders. Er bestaat valgevaar! De stoel mag slechts door
één persoon tegelijk worden gebruikt. Gebruik de rollator niet als de grond glad of glad is.
Handrem (tijdens het lopen)
1
Trek beide remhendels tegelijkertijd en met
dezelfde intensiteit naar het stuur. Om het
los te maken, laat u het gewoon weer los.
Hoe harder u trekt, hoe groter de remkracht.
Als het remvermogen ondanks hard trekken
te laag is, moet de rem mogelijk opnieuw
worden afgesteld.
Parkeerrem (zittend)
2
Druk beide remhendels naar beneden totdat
ze vergrendelen en niet meer terugklikken.
Alleen dan staan de wielen vast en kan de
rollator niet wegrollen. Om te ontgrendelen,
trekt u hem met lichte druk terug naar de
middelste stand.
Gebruik
49