Statische uitlijning en uitlijning op de werkbank
Voor de Aeris Performance 2-voet kunnen standaardtechnieken voor uitlijning op de
werkbank worden gebruikt (afbeelding 2). Voordat u gaat uitlijnen, moet u de initiële
hielhoogte tot stand brengen . De Aeris Performance 2 is ontworpen voor een hielhoogte
van 1 cm (⅜ inch). De initiële hielhoogte kan tot stand worden gebracht met een eenvoudig
afstandsstuk onder de hiel . De bovenkant van de piramide moet evenwijdig zijn met
het werkoppervlak voordat u verder gaat met uitlijnen. Een achterover hellende pyloon
betekent dat de hiel te laag is en dit zal het afwikkelen in de late stand bemoeilijken .
Transtibiale uitlijning op de werkbank
De koker moet worden ingesteld met de juiste verschuiving naar mediaal die in de
evaluatie is gevonden. Een loodlijn vanaf de doorsnijding van de koker bij de proximale
rand in het frontale en sagittale vlak moet de enkelpiramide doorsnijden . De voet
mag iets naar mediaal staan, 1–12 mm (0,04–0,5 inch), afhankelijk van de lengte van
het lidmaat. Korte ledematen worden ingesteld met een zeer kleine verschuiving naar
mediaal van 2–3 mm (0,08–0,12 inch) en langere ledematen kunnen een grotere O-stand
van 10–12 mm (0,4–0,5 inch) verdragen. De lengteas van de voet wordt ongeveer 5° naar
buiten gedraaid door uitlijning van de mediale rand van de voet met de progressielijn .
Transfemorale uitlijning op de werkbank
De uitlijning op transfemoraal niveau moet in overeenstemming zijn met de instructies
van de fabrikant van de gebruikte knieprothese .
Dynamische uitlijning
De Aeris Performance 2-voet is flexibel en past zich aan ongelijk terrein aan. Deze
eigenschap kan afwijkingen in de belasting van de voorvoet maskeren tijdens
de statische uitlijning, waarna ze tijdens de dynamische uitlijning mogelijk beter
waarneembaar zijn. Kleine veranderingen in de uitlijning zullen de overgang van hiel
naar teen versoepelen en de gang optimaliseren . Feedback van de patiënt tijdens dit
proces is essentieel. Aanpassingen van de plantairflexie- en dorsiflexiehoek zullen de
patiënt helpen een soepele overgang van hiel naar teen te bereiken. De pyloon moet
tijdens het lopen altijd verticaal in het frontale vlak blijven .
Procedure
• Controleer op een soepele gang en contact met de grond tijdens de standfase van
het lopen .
• Als de tibiaprogressie van hielcontact naar midstand vertraagd is of als de
hielcompressie te groot is, kunt u dit probleem verhelpen door de koker naar voren
te verplaatsen of de voet in dorsiflexie te brengen.
• Als de koker van hielcontact naar midstand snel vooruitgaat of als de hiel te hard
lijkt, kunt u dit probleem verhelpen door de koker naar achteren te verplaatsen of
de voet in plantairflexie te brengen.
7
75