PROBLEMEN & OPLOSSINGEN
Probleem
Alarm gaat niet af.
Alarm
indicatorlampje knippert
rood. (monitor neemt geen of
nauwelijks beweging waar).
Geen geluidsontvangst.
AAN indicator (groen lampje)
brandt niet.
Erg slechte ontvangst.
Zwakke ontvangst, maar het
"buiten bereik" lichtje brandt niet.
Ruis, storing, interferentie (van
andere babyfoons, draadloze
telefoons, walkietalkies, enz.).
Feedback (ouder unit produceert
harde fluittonen).
Mogelijke Oorzaak
• Baby unit neemt beweging waar van iemand die het bedje
aanraakt.
• Baby unit neemt beweging waar van apparatuur buiten het
bedje, zoals trillende motoren, sterke luchtstroom, ed.
• Bewegingsgevoeligheid is té gevoelig ingesteld
• Sensormatjes maken geen of onvoldoende contact met
matras, of matras rust op te zachte of oneffen ondergrond.
• Baby is in diepe slaap of heeft zich verplaatst naar de hoek
van het bedje, weg van de sensormatjes.
• Units staan te ver uit elkaar (buiten bereik functie van de
ouder unit is uitgeschakeld)
• Batterijen leeg, te zwak of niet goed geplaatst.
• Netstroomadapters niet goed aangesloten of stopcontact
defect.
• Eén van de units is niet ingeschakeld.
• Ouder- en babyunit zijn niet op hetzelfde kanaal afgestemd.
• Batterijen leeg, te zwak of niet goed geplaatst.
• Netstroomadapters niet goed aangesloten of stopcon-
tact defect.
• Één van de units is niet ingeschakeld.
• Units staan te ver uit elkaar ("buiten bereik"- indicator
knippert snel en de ouder unit laat een pieptoon horen).
• Één of beide units bevinden zich te dicht bij een groot
metalen voorwerp.
• Één of beide units staat niet rechtop.
• Batterijen zijn bijna leeg of te zwak.
• De "buiten bereik" functie is niet ingeschakeld
• Ouder unit staat te ver weg.
• Units staan afgestemd op verschillende kanalen.
• Ouder unit staat te dicht bij een apparaat met een motor,
een fluorescerende lamp, televisietoestel, enz.
• Er bevindt zich nog een Angelcare in een andere woning
in de buurt.
• Units staan te dicht bij elkaar.
39
Oplossing
• Vermijd aanraken van het bedje als u de monitor gebruikt.
• Verplaats het bedje naar een plaats nabij een stevige, onder-
steunende muur om waarneming van bewegingen buiten
het bedje te voorkomen.
• Wellicht moet u de bewegingsgevoeligheid lager instellen.
Zie hoofdstuk "Instelling bewegingsgevoeligheid'.
• Controleer of er niet teveel beddengoed tussen sensormat-
jes en matras zit. Sensormatjes moeten op een vlakke en
stevige ondergrond rusten. Indien het bedje oneffen of te
zachte ondergrond heeft (veerbodem, ed.), dan kunt u dit
oplossen door een bodembedekkende multiplex plank van 6
mm dikte in het bedje te plaatsen.
• Controleer of sensormatjes correct geplaatst zijn (zie para-
graaf "Leer uw Angelcare ® monitor gebruiken in 5 een-
voudige stappen"). Het is mogelijk dat u de bewegings-
gevoeligheid moet veranderen (zie hoofdstuk "Instelling
bewegingsgevoeligheid").
• Plaats units dichter bij elkaar.
• Controleer/vervang batterijen of laad oplaadbare batteri-
jen van de ouder unit (alleen model AC301-R) op.
• Controleer aansluitingen en stopcontacten.
• Controleer ON/OFF schakelaars. Beide units moeten op
"ON" staan.
• Controleer of beide toestellen op hetzelfde kanaal, A, B of
C zijn afgestemd.
• Controleer/vervang batterijen of laad oplaadbare bat-
terijen van de ouder unit (alleen model AC301-R) op.
• Controleer aansluitingen en stopcontacten.
• Controleer ON/OFF schakelaars. Beide units moeten
op "ON" staan.
• Plaats units dichter bij elkaar.
• Verander de plaats van één of beide units.
• Plaats de units op een vlakke ondergrond, buiten het
bereik van de baby.
• Vervang batterijen of laad oplaadbare batterijen van
de ouder unit (alleen model AC301-R) op.
• Houd het knopje van het nachtlichtje gedurende 2
seconden ingedrukt om de "buiten bereik" functie
opnieuw in te schakelen.
• Plaats units dichter bij elkaar.
• Let erop dat beide units aan staan en op hetzelfde
kanaal ( A, B of C) zijn afgestemd.
• Verplaats of draai de ouder unit weg van de interfer-
entiebron.
• Digitale codes zijn dezelfde voor beide monitors.
Vergelijk de digitale codes vermeld op de doos of in
batterijcompartiment.
• Plaats units verder uit elkaar (minstens 3 meter).
• Verminder het volume van de ouder unit.