informatie op het typeplaatje van de machine.
• Zorg dat u niet in contact komt met geaarde
delen, zoals buizen, radiatoren, kachels en
koelkasten, om een elektrische schok te
voorkomen.
• Draag het apparaat niet aan het snoer. Trek het
snoer uitsluitend aan de stekker uit de
contactdoos.
Houd het snoer uit de buurt van olie, hitte
en scherpe randen. Een beschadigd snoer kan
leiden tot een elektrische schok.
• Controleer het apparaat en het snoer telkens
voor gebruik op beschadigingen.
• Bij het insteken van de netstekker erop letten
dat de netschakelaar niet in geblokkeerde stand
staat.
• Gebruik buiten uitsluitend daarvoor
goedgekeurde verlengkabels.
• Bij gebruik van een haspel dient u het snoer
volledig af te rollen om warmteontwikkeling in
het snoer te voorkomen. Aderdiameter min. 1,5
mm².
• Bij het werken buiten dient de contactdoos te
zijn voorzien van een aardlekschakelaar.
• Trek de stekker uit de contactdoos wanneer
u het apparaat niet gebruikt of instellingen
daaraan wilt verrichten.
• Voer het snoer steeds naar achter weg van het
gereedschap.
VEILIGHEID VAN PERSONEN
• Draag geen wijde kleding of sieraden.
• Zorg ervoor dat u stevig staat en schoenen
draagt met antislipzool.
• Draag hoofdbedekking wanneer u lange haren
heeft.
• Wijde kledingstukken, sieraden en lange haren
kunnen worden gegrepen door de bewegende
delen.
24
• Draag altijd een veiligheidsbril. Het opvolgen
van dit voorschrift verkleint het risico op ernstig
persoonlijk letsel.
• Draag altijd een gezichts- of
stofbeschermingsmasker. Het opvolgen van
dit voorschrift verkleint het risico op ernstig
persoonlijk letsel.
• Draag altijd gehoorbescherming. Het opvolgen
van dit voorschrift verkleint het risico op ernstig
persoonlijk letsel.
• Personen die aan de machine werken, mogen
niet worden afgeleid.
• Zij kunnen daardoor de controle over het
gereedschap verliezen.
• Gebruik geen apparatuur waarvan de aan/
uitschakelaar defect is. Elektrisch gereedschap
dat niet meer kan worden in- en uitgeschakeld, is
gevaarlijk en dient te worden gerepareerd.
• Schakel het apparaat steeds in voordat het met
het materiaal in contact komt.
• Verwijder voor het inschakelen de sleutels en
alle afstelgereedschap.
• De machine niet overbelasten. Zodra het
toerental daalt, de machine ontlasten of
uitschakelen. Met voor het doel geschikt
elektrisch gereedschap kunt u veiliger
en beter werken binnen het aangegeven
vermogensbereik.
• Borg de werkstukken tegen meedraaien, bijv.
met behulp van een spaninrichting of een
spantang. Werk niet aan werkstukken die te klein
zijn om in te spannen. Als u het werkstuk met de
hand vasthoudt, kunt u het gereedschap niet
meer veilig bedienen.
• Berg elektrisch gereedschap op buiten bereik
van kinderen.
ZORGVULDIGE OMGANG MET EN GEBRUIK
VAN ELEKTRISCH GEREEDSCHAP
• Houd het gereedschap steeds goed schoon en
in een goede conditie, om productiever en