ES
EN
FR
IT
Voetsteun
5. HET GEBRUIK VAN DE PEDALEN EN REMMEN ACHTERAAN
Gebruik de achterste steunpedalen om de voorwielen omhoog te brengen, bijvoorbeeld wanneer u over
een stoeprand klimt. Duw hiervoor met één voet op de achterste steunpedalen. Til de kleine voorwielen
niet op door op de handgrepen te drukken, want dat kan de rolstoel beschadigen.
- Een stoeprand beklimmen: benader de stoeprand van voren. De verzorger gebruikt de achterste
steunpedalen om de voorwielen op te tillen en laat ze op de stoeprand zakken zodra de stoeprand
omhoog is. Ten slotte moet de verzorger de rolstoel naar voren duwen en hem zo nodig iets optillen om
de stoeprand op te tillen.
- Een stoeprand verlagen: Plaats de voorwielen voor de stoeprand. De zorgverlener moet de steunpedalen
gebruiken om de voorwielen omhoog te zetten en de inzittende iets naar achteren te kantelen. Terwijl u
de wielen omhoog houdt, laat u de rolstoel iets zakken in de richting van de stoeprand.
WAARSCHUWING
Bij het afdalen van een stoeprand moeten de voorwielen omhoog staan om te voorkomen
dat de inzittende eraf valt. Dit zijn slechts aanbevelingen; ze zijn wellicht niet in alle gevallen
geschikt.
6. REINIGING EN ONDERHOUD
Gebruik voor het schoonmaken van het product een licht vochtige doek, nooit nat, en droog het
daarna af met een andere schone, droge doek. Gebruik geen oplosmiddelen, bleekmiddel, synthetische
reinigingsmiddelen, boenwas, spuitbussen of andere schuurmiddelen die het product kunnen beschadigen.
DE
PT
NL
SWE
Spanner
PL
DK
Rolstoel
ÓPERA
21