Draag een persoonlijke veiligheidsuitrusting.
c)
Gebruik afhankelijk van de toepassing volledige
gezichtsbescherming, oogbescherming of een
veiligheidsbril. Draag, indien nodig, een stofmasker,
gehoorbescherming, veiligheidshandschoenen
of een voorschoot dat u beschermt tegen kleine
slijp- en materiaaldeeltjes. Ogen moeten beschermd
worden tegen rondvliegende stukjes die ontstaan bij de diverse
toepassingen. Stof- en longbeschermingsmaskers moeten het stof
wegfilteren dat bij gebruik ontstaat. Als u lang wordt blootgesteld
aan luid geluid, kunt u gehoorbeschadiging oplopen.
Zorg ervoor dat andere personen op een veilige
d)
afstand van uw werkplek blijven. Iedereen
die de werkplek betreedt moet persoonlijke
veiligheidsuitrusting dragen. Er kunnen brokstukken van
het werkstuk of van gebroken inzetgereedschap wegvliegen en
ook buiten de directe werkplek letsel veroorzaken.
Zorg ervoor dat het aansluitsnoer uit de buurt
e)
van het inzetgereedschap blijft. Als u de macht
over het apparaat verliest, kan de kabel doorgesneden of
gegrepen worden en kan uw hand of arm door het draaiend
inzetgereedschap worden verwond.
Leg het elektrische apparaat nooit neer voordat het
f)
inzetgereedschap volledig tot stilstand is gekomen.
Het draaiende inzetgereedschap kan in contact komen met het
oppervlak waarop u het gereedschap neerlegt, waardoor u de
controle over het elektrische apparaat kunt verliezen.
Gebruik geen inzetgereedschap dat vloeibaar
g)
koelmiddel vereist. Gebruik van water of andere vloeibare
koelmiddelen kan elektrische schokken veroorzaken.
124 NL/BE