nl
NEDERLANDS
4.3
Speciale veiligheidsinstructies voor het
frezen:
a) Gebruik uitsluitend freesgereedschappen
die zijn goedgekeurd voor uw elektrische
gereedschap en de hiervoor geschikte
beschermkap. Freesgereedschap dat niet
geschikt is voor het elektrische gereedschap kan
niet voldoende worden afgeschermd en is onveilig.
c) De beschermkap moet stevig aan het elek-
trisch gereedschap zijn aangebracht en, voor
een optimale veiligheid, zo zijn ingesteld dat
een zo klein mogelijk deel van het freeslichaam
open naar de bediener wijst. De beschermkap
beschermt de gebruiker tegen brokstukken,
toevallig contact met het freeslichaam en vonken,
waardoor kleding vlam kan vatten.
c) Bewerk geen vlakken met bijv. vrijliggend
wapeningsstaal. Dit zou kunnen leiden tot een
terugslag of verlies van controle over het elektrisch
gereedschap.
d) Controleer voor gebruik of de freeswielen
zich vrij kunnen bewegen. Indien nodig reinigen.
e) Gebruik geen beschadigde freeswielen.
f) Ga bij de bewerking van hoeken, randen en
uitstekende stukken bijzonder voorzichtig te
werk. Hierbij bestaat het risico op terugslag of
beschadiging van de frees.
g) Freeswielen zijn scherp en kunnen na
gebruik heet zijn. Let op, gevaar voor letsel.
4.4
Speciale veiligheidsinstructies voor het
slijpen met diamantkomschijven:
a) Gebruik uitsluitend slijpmiddelen die voor
uw elektrische gereedschap zijn goedgekeurd
en de hiervoor geschikte beschermkap. Slijp-
middelen die niet geschikt zijn voor het elektrische
gereedschap kunnen niet voldoende worden afge-
schermd en zijn onveilig.
b) De beschermkap moet stevig aan het elek-
trisch gereedschap zijn aangebracht en, voor
een optimale veiligheid, zo zijn ingesteld dat
een zo klein mogelijk deel van het slijplichaam
open naar de bediener wijst. De beschermkap
beschermt de gebruiker tegen brokstukken,
toevallig contact met het slijplichaam en vonken,
waardoor kleding vlam kan vatten.
c) De slijpmiddelen mogen alleen worden
gebruikt voor de aanbevolen toepassingsmo-
gelijkheden.
d) Gebruik altijd onbeschadigde spanflenzen in
de juiste grootte en vorm voor het door u
gekozen inzetgereedschap. Geschikte flenzen
ondersteunen het inzetgereedschap.
4.5
Overige veiligheidsvoorschriften:
WAARSCHUWING – Draag altijd een veilig-
heidsbril.
Draag een geschikt stofmasker.
26
Draag gehoorbescherming.
WAARSCHUWING – Het elektrisch
gereedschap altijd met beide handen
gebruiken.
Maak gebruik van elastische tussenlagen, wanneer
deze bij het slijpmiddel ter beschikking worden
gesteld en vereist zijn.
Neem de opgaven van de fabrikant van het inzetge-
reedschap of de accessoires in acht! Zorg ervoor
dat inzetgereedschap beschermd is tegen vet en
stoten!
Inzetgereedschap dient zorgvuldig, volgens de
aanwijzingen van de fabrikant, te worden bewaard
en gebruikt.
Het werkstuk dient stevig te liggen en beveiligd te
zijn tegen wegglijden, bijv. met behulp van spanin-
richtingen. Grote werkstukken dienen voldoende te
worden ondersteund.
Wordt er inzetgereedschap met schroefdraadinzet
gebruikt, dan mag het einde van de spindel de
gatenbodem van het schuurgereedschap niet
raken. Let erop dat de schroefdraad in het inzetge-
reedschap lang genoeg is om de spindellengte op
te nemen. De schroefdraad van het inzetgereed-
schap moet bij de schroefdraad op de spindel
passen. Zie voor de lengte en de schroefdraad van
de spindel pagina 3 en hoofdstuk 15. Technische
gegevens.
Vreemde objecten in de machine
kunnen leiden tot een blokkering
van het schakelmechanisme. Daarom is het nood-
zakelijk om de lopende machine zeer regelmatig en
grondig door de achterste ventilatiesleuven uit te
blazen met perslucht. Hierbij dient hij stevig te
worden vastgehouden.
Beschadigd, niet-rond resp. trillend gereedschap
mag niet worden gebruikt.
Voorkom schade aan gas- of waterleidingen,
elektrische leidingen en dragende wanden
(statica).
Haal de stekker uit het stopcontact voordat u
instellings-, ombouw- of
onderhoudswerkzaamheden uitvoert.
Een beschadigde of gebarsten extra greep dient te
worden vervangen. Gebruik de machine niet als de
extra greep defect is.
Een beschadigde of gebarsten beschermkap moet
worden vervangen. Gebruik de machine niet als de
beschermkap defect is.
Alleen inzetgereedschap gebruiken waar de
borstels van de beschermkap bovenuit steken.
Gebruik uitsluitend de meegeleverde
beschermkap: een verkeerde beschermkap kan tot
verlies van de controle, onvoldoende afscherming,
een verhoogd risico door een stofexplosie en tot
ernstig letsel leiden.
Gebruik uitsluitend het toegestane
inzetgereedschap.