Herunterladen Inhalt Inhalt Diese Seite drucken

merten Distance 5010 Bedienungsanleitung Seite 21

Inhaltsverzeichnis
Verfügbare Sprachen
  • DE

Verfügbare Sprachen

  • DEUTSCH, seite 1
Voorbereiding Merten-specifieke functies
Met de radiografische afstandsbediening
Distance 5010 van Merten kunt u alle ontvan-
gers van het radiografische systeem van
Merten alsmede de ARGUS-bewegingsmel-
ders met radiografische module besturen,
d.w.z. inschakelen, uitschakelen, omschakelen
en bepaalde scenario's oproepen.LED-
Groep
inschakelen
On
On
0
Uitschakelen
1
1 t/m 5
2
3
4
5
Opdat de radiografische afstandsbediening
vanaf het begin tot uw volle tevredenheid
werkt, moet de radiografische ontvanger eerst
worden geprogrammeerd.
Het programmeren van de radiografische ont-
vanger is productspecifiek. Lees hiervoor
s.v.p. ook de bij de radiografische ontvangers
gevoegde bedieningshandleiding.
Programmeren van de radiografische ont-
vanger op de afstandsbediening:
G De codeerschakelaar op de geselecteerde
ontvanger op "Lernen" instellen.
G Gewenste knop op de radiografische
afstandsbediening indrukken, bijv. knop 1
groen / 0.
G LED licht even rood op.
G Programmering van de knop op de ontvan-
ger is afgesloten.
G Ter bevestiging schakelt de lamp/het toe-
stel met radiografische ontvanger even in.
LED-weergave
Groep
uitschakelen
Off
Off
I
Scène
1 t/m 3
Scene
oproepen
1
2
3
Inschakelen
1 t/m 5
G Nadat de programmering van de ontvan-
ger is afgesloten, dient de codeerschake-
laar weer op "normaal bedrijf (automa-
tisch)" te worden gedraaid.
U kunt de 15 ter beschikking staande knop-
pen van de radiografische afstandsbediening
afzonderlijk programmeren. Wij stellen de
volgende indeling voor:
Alle op de afstandsbediening geprogramme-
erde radiografische ontvangers:
On:
inschakelen
Off:
uitschakelen
Afzonderlijke op de radiografische afstands-
bediening geprogrammeerde radiografische
ontvangers:
0 (1-5): uitschakelen of omschakelen
I (1-5): inschakelen of omschakelen
Scène1 tot en met 3:
Activeert een willekeurig aantal radio-
grafische ontvangers (scènegroep).
Met de activering worden vooraf
geprogrammeerde functies, bijv.
inschakelen of lichtintensiteitswaarde
van gedimde lampen, opgeroepen.
Veranderen van de lichtintensiteitswaarde
van gedimde lampen:
G Lichtscène met de radiografische
afstandsbediening inschakelen
G Lichtintensiteitswaarde van de gedimde
lamp handmatig veranderen.
G De corresponderende knop op de radio-
grafische afstandsbediening tenminste
5 seconden ingedrukt houden.
G De nieuwe lichtintensiteitswaarden van
de lichtscène zijn nu onder de betreffen-
de knop van de radiografische afstands-
bediening opgeslagen.
Met één druk op de knop kunt u een of
meerdere ontvangers binnen een bereik van
100 m in de buitenlucht of 30 m in een
gebouw aansturen.
NL
21

Quicklinks ausblenden:

Inhaltsverzeichnis
loading

Inhaltsverzeichnis