• De bijgevoegde adapterkabel is niet nodig. Sluit het stopcontact met de meegelever-
de stekker.
Installatie in de auto:
• Het apparaat dient op een plek in de motorruimte te worden geïnstalleerd die be-
schermd is tegen opspattend water en algemene vervuiling. Het wordt met metaal-
schroeven of kabelbinders in de motorruimte aan de carrosserie bevestigd. Let er bij
de installatie op dat u de LED-lichtflits niet afdekt.
• Het apparaat wordt direct op de accu van de auto aangesloten. Sluit hiervoor de mee-
geleverde adapterkabel aan op het apparaat. De stekker moet nu met een draaiende
beweging zo ver als mogelijk in het contact worden gestoken tot hij niet verder kan
zodat hij goed vast zit en het omhulsel goed dicht is. De rood kabel wordt verbonden
met de positieve pool, de bruine kabel met de negatieve pool.
• Mocht uw auto lange tijd niet meer in gebruik zijn Zorg ervoor dat het apparaat aan
staat Deze periode is verbroken.
Applicatie:
• De groen LED knippert met een langere tussenwand. Houd er rekening mee dat het
apparaat in de pauzemodus kan starten en pas daarna de bedieningsmodus kan ac-
tiveren. Verplaats het apparaat niet.
• Het apparaat geeft hoogfrequente tonen af in intervallen van 30 seconden. Deze
zijn nauwelijks waarneembaar voor het menselijk oor. Marters, muizen en relmuizen
kunnen ze echter meestal goed horen. Daarnaast wordt elke minuut een flitslicht
uitgezonden om de dieren af te schrikken.
• De intervalschakeling en de wisselende frequentie van de tonen voorkomen gewen-
ning.
• Een geïntegreerde sensor detecteert wanneer het apparaat beweegt of stilstaat en
schakelt zich dienovereenkomstig in of uit. Bij stilstand, bijvoorbeeld wanneer de
auto wordt geparkeerd, is het apparaat actief en zendt frequenties. Bij bewegingen,
bijvoorbeeld tijdens het rijden, wordt de activiteit uitgeschakeld en wordt de accu
gespaard.
• Bevestig het toestel met schroeven of kabelbinders op een geschikte plaats in de
motorruimte of wanden, hekken of dergelijke oppervlakken in huis, tuin of schuur.
Zorg ervoor dat er een niet te grote dode hoek is, die niet wordt bereikt door de trillin-
gen. Als het voertuig of de motorruimte al door marters is bezocht, hebben de dieren
hoogstwaarschijnlijk geurvlekken achtergelaten om het gebied te markeren. Deze
geuren moeten worden verwijderd voordat de Anti-Marter Dual wordt geïnstalleerd
(in het voertuig het best door een motorwas).
31