~
Texas lnstruments
Wanneer het assembler-programma in de Mini Memory module geladen is, wordt elke bron-instruc-
tie die u invoert onmiddellijk geassembleerd in objectcode en opgeslagen in de geheugenlocatie
die door uw broncode wordt aangeduid. Zodra u dus de invoering van uw programma voltooid en
naam en adres in de symbooltabel opgeslagen hebt, dan is het klaar voor gebruik.
N.B.: Daar de code direct wordt geassembleerden opgeslagen bij het invoeren van elke regel, dient
u erop te letten dat de geheugenadressen die in het programma worden aangegeven, inderdaad be-
schikbaar zijn. Anders wordt geen code gegenereerd, noch
opgeslagen.
Hoewel de assembler elke instructie omzet in machinecode tijdens de invoering, blijft sommige
broncode bewaard in een negen pagina's lange tekstbuffer. U kunt het beeld op het scherm lang-
zaam laten passeren om de eerder ingevoerde broncode-regels opnieuw te bekijken, door op de
toetsen met de pijl omhoog en naar beneden te drukken.
Deze handleiding behandelt de eigenschappen van de regel-voor-regel assembler. Hierbij wordt
ervan uitgegaan dat u al kunt programmeren in assembleer-taal. Zie voor een complete bespreking
van de TMS9900 assembleer-taal de Redigeer/ Assembleer handleiding. Instructies voor het laten
lopen van het LINES demonstratie-programma vindt men ook in deze handleiding (zie "Laden van
regel-voor-regel assembler").
N.B.: Het LINES programma kan alleen uitgevoerd worden op de Tl-99/4A Home Computer; deze
heeft namelijk de geavanceerde grafiekbesturing die voor dit programma vereist
is.
LADEN VAN DE REGEL-VOOR-REGEL ASSEMBLER
Zowel de regel-voor-regel assembler als het LINES grafiek-programma worden - tegelijkertijd -
geladen van de cassetteband door de L (LOAD)-opdracht van de EASY BUG foutenopsporing optie.
De onderstaande stappen beschrijven de laad-procedure.
1.
Sluit, wanneer de Mini Memory module zich in de computer console
bevindt,
uw cassettere-
corder op de console aan, zoals beschreven in de HOME COMPUTER HANDLEIDING.
2. Druk op een willekeurige toets om de hoofdselectielijst te doen verschijnen en kies dan de MINI
MEMORY optie van de lijst. Wanneer de Mini Memory selectielijst verschijnt, drukt u op 3 (RE-
INITIALIZE) om het geheugen gereed te maken voor het laden van een nieuw programma. Druk
vervolgens op QUIT om terug te keren naar het hoofdtitelscherm van de computer.
3. Breng de assembler-cassette in de recorder en breng het bandje in zijn beginstand.
4. Druk op een willekeurige toets om de hoofdselectielijst te doen verschijnen en kies dan de EASY
BUG optie van de lijst.
5. Wanneer het EASY BUG-opdracht-scherm verschijnt, drukt u op een willekeurige toets om het
scherm te wissen. Type vervolgens L en druk op ENTER om het laadproces te starten. Van nu af
aan verschijnen instructies op het scherm die u door de procedure heen loodsen. Volg deze
aanwijzingen om het programma te
laden.
6. Wanneer het assembleerprogramma geladen is, drukt u op QUIT om terug te keren naar het
hoofdtitelscherm. Druk vervolgens op een willekeurige toets om verder te gaan naar de hoofdse-
lectielijst en selecteer de MINI MEMORY optie.
7. Wanneer de Mini Memory selectielijst verschijnt, drukt u op 2 om de RUN optie de selecteren. Het
scherm wordt gewist en het programma vraagt u naar de naam van het programma dat u wilt laten
lopen.
28