a) Om het apparaat te starten, selecteert u de aan/uit-schakelaar (6) op het
bedieningspaneel. De knop licht op. Door nogmaals op knop (6) te drukken,
schakelt u het apparaat uit. De achtergrondverlichting van de knop gaat uit.
b) Met de draaiknoppen voor de tijd (8) en temperatuur (16) stelt u de gewenste
waarden in voor de werking van het apparaat.
c)
De stand "GESLOTEN" van de bedieningsknoppen sluit de verwarmings- en
aftelcircuits van het apparaat.
MODEL
a) Om het apparaat te starten, drukt u op de aan/uit-schakelaar (6) en houdt u
deze ongeveer 1 seconde ingedrukt. Er klinkt een kenmerkend geluid en alle
pictogrammen op het bedieningspaneel (1) worden gemarkeerd. Door de
knop (6) nogmaals te selecteren, schakelt u het apparaat uit.
b) De bedrijfstemperatuur van het apparaat wordt ingesteld met behulp van de
knoppen voor het verhogen/verlagen van de temperatuur (9, 10). De
temperatuurwaarde verandering s in stappen van 5°C.
c)
De bedrijfstijd van het apparaat wordt ingesteld met de knoppen voor het
verhogen/verlagen van de bedrijfstijd (14, 15). De waarde van de bedrijfstijd
wordt elke 30 minuten aangepast met één druk op de knop. Door de knop voor
het instellen van de waarde ingedrukt te houden, wordt de waarde met 1 uur
gewijzigd.
d) Nadat u de gewenste parameters (temperatuur en tijd) hebt ingesteld, wacht
u ongeveer 5 seconden totdat het systeem het proces automatisch start.
MODEL
a) Om het apparaat te starten, drukt u op de aan/uit-schakelaar (6) en houdt u
deze ongeveer 1 seconde ingedrukt. Er klinkt een kenmerkend geluid en alle
pictogrammen op het bedieningspaneel (1) worden gemarkeerd. Door de
knop (6) nogmaals te selecteren, schakelt u het apparaat uit.
b) Stel de bedrijfstemperatuur van het apparaat in door de temperatuurknop (7)
op het bedieningspaneel te selecteren. De huidige waarde op het LCD-scherm
(c) knippert. Pas de waarde aan met de knoppen voor het verhogen/verlagen
van de waarde (17, 18). De temperatuurwaarde verandert in stappen van 5 °C.
c)
Stel de bedrijfstijd van het apparaat in door de tijdfunctieknop (13) op het
bedieningspaneel te selecteren. De huidige waarde op het LCD-scherm (c)
knippert. Pas de waarde aan met de knoppen voor het verhogen/verlagen van
de waarde (17, 18). De bedrijfstijd wordt elke 30 minuten aangepast met één
NL