NL
VERTALING VAN DE ORIGINELE INSTRUCTIES
Bij het ontwerp van uw acculader hebben veiligheid, prestaties
en betrouwbaarheid de hoogste prioriteit gekregen.
VOORGESCHREVEN GEBRUIK
De lader is uitsluitend bedoeld voor het opladen van
compatibele accu's die in deze handleiding staan vermeld.
Het product is niet bedoeld voor het opladen van
andere soorten accu's en mag niet worden gebruikt als
stroomvoorziening. Het mag nooit worden gebruikt in
explosieve of ontvlambare omgevingen.
Gebruik het product niet voor andere doeleinden.
VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN VOOR DE LADER
Lees alle veiligheidswaarschuwingen en alle instructies. Het
niet opvolgen van de waarschuwingen en instructies kan
leiden tot elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel.
Primaire cellen mogen niet worden opgeladen (niet-
oplaadbaar).
Het product mag niet vochtig zijn en mag nooit worden
gebruikt in een vochtige omgeving.
Het product is uitsluitend bedoeld voor gebruik binnenshuis.
Dek ventilatieopeningen niet af en zorg voor voldoende
ventilatie tijdens gebruik.
De netspanning moet overeenkomen met de voorgeschreven
spanning die op het product staat vermeld.
van de lader, de kabel en de stekker op beschadigingen.
Bij beschadigingen mag het product niet worden
gebruikt. Breng het voor reparatie naar een erkend
onderhoudscentrum.
Gebruik het product niet als er krachtig tegenaan is
gestoten of als het anderszins is beschadigd.
Tijdens het laden mag het product niet worden
blootgesteld aan zonlicht of andere warmtebronnen. De
aanbevolen temperatuur van de omgeving tijdens het
laden is 10 °C tot 25 °C.
Als u het gereedschap continu gebruikt, kan het
accupack warm worden. Een hete accu moet gedurende
ongeveer 30 minuten afkoelen voordat deze opnieuw
mag worden opgeladen.
Vanwege de warmte die tijdens het laden wordt
geproduceerd, mag het product niet op een brandbaar
oppervlak worden gebruikt.
Gebruik het product niet in de buurt van brandbare materialen,
zoals stoffen, verpakkingsmateriaal, verf, spuitverf
of aerosolen, smeermiddelen, verdunningsmiddelen,
benzinetanks, gastanks of gasapparaten.
Probeer het product nooit zelf aan te passen, te
demonteren of te repareren.
Voorkom dat de lader of de accu's worden verontreinigd
met materiaal dat geleidend kan zijn, zoals metaaldeeltjes
afkomstig van slijpen, snijden of machinale bewerking.
Bescherm de contactpunten van de accu tegen
metaaldeeltjes om te voorkomen dat kortsluiting ontstaat
wat zou kunnen leiden tot brand of explosie.
Trek de stekker uit het stopcontact wanneer u het
product niet gebruikt of wanneer u het schoonmaakt.
Gebruik uitsluitend verlengkabels die zijn goedgekeurd
en in goede staat verkeren.
Laad geen accu's op die tekenen van lekkage vertonen.
Voer deze op de juiste wijze af.
16
Een beschadigde accu mag nooit worden opgeladen.
Vervang beschadigde accu's onmiddellijk.
EXTRA WAARSCHUWINGEN BATTERIJVEILIGHEID
Voorkom brand, persoonlijk letsel of materiële schade door
kortsluiting en dompel het gereedschap, de wisselaccu en
het laadtoestel niet onder in vloeistoffen en waarborg dat
geen vloeistoffen in de apparaten en accu's kunnen dringen.
Corrosieve of geleidende vloeistoffen zoals zout water,
bepaalde chemicaliën, bleekmiddelen of producten die
bleekmiddelen bevatten, kunnen een kortsluiting veroorzaken.
WANDMONTAGE
Zorg ervoor dat de lader aan een stabiele wand wordt
gemonteerd. Zorg ervoor dat er geen obstakels in
de weg zitten tijdens de montage of het gebruik. Het
maximum totaalgewicht van de lade is ongeveer 2,0 kg.
Indien nodig moet de wand voldoende worden versterkt.
Plaats de oplader enkel rechtopstaand. Schroef twee
schroeven in de wand om de lader aan te bevestigen.
Anders kan de lader vallen met ernstig letsel tot gevolg.
Controleer regelmatig of de schroeven stevig vast
zitten. Zorg ervoor dat de schroefkop goed in de gaten
van de wandhouder past, zodat de lader stevig op zijn
plek wordt gehouden. Anders kan de lader door te losse
schroeven mogelijk vallen.
WERKING
LADEN VAN DE ACCU
Accu's worden verzonden terwijl ze weinig geladen zijn. U
Als de lader de accu onder normale omstandigheden niet
oplaadt, moeten zowel de accu als de lader naar een
erkend onderhoudscentrum worden gebracht.
Controleer dat de stroomvoorziening bestaat uit de
normale spanning voor huishoudelijk gebruik: uitsluitend
220–240V, 50/60Hz, AC (wisselstroom).
Zorg dat de vergrendeling van het accupack op zijn
plaats klikt en voor het opladen is bevestigd.
OPMERKING: Wanneer de accu volledig is opgeladen, blijft
het groene ledlampje branden. Het is normaal dat de accu
tijdens het opladen enigszins warm aanvoelt.
ONDERHOUD
Wanneer het product niet in gebruik is of wanneer
het product wordt gereinigd, moet het van de
stroomvoorziening worden losgekoppeld en moet de
accu worden verwijderd.
Als het netsnoer beschadigd is, moet het worden vervangen
door de fabrikant, zijn servicevertegenwoordiger of
personen met vergelijkbare kwalificaties om gevaar te
voorkomen.
Voorkom het gebruik van oplosmiddelen wanneer u
kunststof onderdelen reinigt. De meeste kunststoffen
zijn
gevoelig
voor
diverse
oplosmiddelen. Gebruik een schone doek of zachte
borstel om vuil en stof te verwijderen.
Laat nooit remvloeistof, benzine, producten op petroleumbasis
of kruipolie in contact komen met kunststof onderdelen. Deze
producten bevatten chemicaliën die kunststoffen kunnen
beschadigen, verzwakken of vernietigen.
Binnen in het product is gevaarlijke spanning aanwezig;
demonteer het product niet.
soorten
commerciële