• Wanneer het toestel of het
snoer defect is.
• Wa n n e e r h e t t o e s t e l p e r
ongeluk gevallen is of u een
storing vermoedt.
• Vergewis u ervan dat de sneden
b ro o d n i e t va st z i t te n i n d e
roosterzones alvorens het toestel
in werking te zetten. In een
dergelijk geval trekt u de stekker
uit het stopcontact alvorens de
sneden brood uit de machine te
halen.
OPGELET
Wa n n e e r h e t b ro o d
verbrand is, kan het
toestel oververhitten.
Raak de broodrooster
op dat moment niet
aan.
• Vergeet niet dat de behuizing
van de broodrooster en in het
bijzonder de roosterzones kunnen
erg warm worden tijdens het
gebruik. Wees aandachtig om
brandwonden te voorkomen.
Gebruik het toestel enkel met
behulp van de regelknop, de
hendel en de inschakelknop.
• Steek geen vingers of metalen
vo o r we r p e n z o a l s vo r ke n o f
messen door de roosterzones.
• Gebruik het toestel enkel op een
Alvorens het toestel te gebruiken
aangepast oppervlak, wanneer
het verticaal geïnstalleerd is.
• Omhul de sneden brood niet
met aluminiumfolie om ze te laten
roosteren.
• Dek de roosterzones niet af
wanneer het toestel in werking is.
• Steek de sneden brood of kleine
ronde broodjes niet rechtstreeks
in de roosterzones, dit kan tot
oververhitting leiden.
• Schakel het toestel steeds uit
alvorens te beginnen met de
reiniging en het onderhoud.
• Dompel het toestel niet onder in
water of andere vloeistoffen.
OPGELET
H e t b r o o d k a n
verbranden. Vergewis
u e r v a n d a t e r
voldoende ventilatie
is boven en rond het
toestel. Gebruik de
broodrooster niet in
de buurt van of onder
brandbaar materiaal,
z o a l s g o r d i j n e n
bijvoorbeeld.
A
NL
13