Herunterladen Inhalt Inhalt Diese Seite drucken

Speedrite DVM Bedienungsanleitung Seite 7

Inhaltsverzeichnis
Verfügbare Sprachen
  • DE

Verfügbare Sprachen

  • DEUTSCH, seite 6
Om een defect in de afrasteringslijn op te sporen gaat u als volgt te
werk:
1
Duw de zwarte aardemeetsonde in de grond en houd de rode
afrasteringsklem tegen de stroomvoerende afrasteringsdraad. (Als de
klemmen op de DVM reeds zijn aangebracht, klem dan de zwarte aardklem
op de aardingsdraad en de rode afrasteringsklem op de stroomvoerende
afrasteringsdraad). Noteer de spanningswaarde voor de hele afrastering.
2
Koppel een gedeelte van de afrastering los en meet de spanning op de rest
van de afrastering. Herhaal dit voor elk gedeelte van de afrastering. Als de
spanningswaarde aanzienlijk hoger is dan de waarde voor de hele afrastering,
is dit een aanwijzing dat er een mankement in het losgekoppelde gedeelte is
opgetreden.
3
Meet in het gedeelte met het mankement de spanningswaarde eens in de
100 m tot het mankement is gelokaliseerd.
Om de uitgangsspanning van het elektro-afrasteringsapparaat te
meten gaat u als volgt te werk:
1
Koppel de afrasteringsdraden van de aansluitingen van de elektro-
afrasteringsapparaten los.
2
Houd de zwarte aardemeetsonde tegen de aardeaansluiting van het elektro-
afrasteringsapparaat. Klem de rode afrasteringsklem op de afrasterings-
uitgangsaansluiting van het elektro-afrasteringsapparaat. (Als de klemmen op
de DVM reeds zijn aangebracht, klem dan de zwarte aardklem op de
aardeaansluiting van het elektro-afrasteringsapparaat en de rode
afrasteringsklem op de afrasterings-uitgangsaansluiting van het elektro-
afrasteringsapparaat).
3
Lees de spanning af en vergelijk deze met de gegevens van de fabrikant voor
het elektro-afrasteringsapparaat.
Om het aardingssysteem te testen gaat u als volgt te werk:
1
Schakel het elektro-afrasteringsapparaat uit.
2
Breng op minstens 100 m afstand van het elektro-afrasteringsapparaat, een
kortsluiting in de afrastering teweeg door enkele stalen pennen of buisstukken
tegen de afrastering te leggen. In een droge of zandige omgeving kan het
nodig zijn de pennen tot 300 mm in de aarde te slaan.
3
Schakel het elektro-afrasteringsapparaat weer in.
4
Meet de spanning op de afrastering. De spanning dient onder 2 kV te liggen.
Als dit niet het geval is, herhaal dan het kortsluiten met meer pennen of
buizen.
5
Steek de zwarte aardemeetsonde met de hele lengte van de kabel in de grond
en klem de rode afrasteringsklem op de laatste aardpen. (Als de klemmen op
de DVM reeds zijn aangebracht, klem dan de zwarte aardklem op de
aardingsdraad en de rode afrasteringsklem op de laatste aardpen).
De aangewezen spanning dient onder 0,3 kV te liggen. Als de waarde hoger
is, betekent dit dat de aarding verbeterd moet worden. Gebruik meer pennen
of zoek een betere plek voor het aardingssysteem.
Om de 9 V accu te vervangen gaat u als volgt te werk:
1
Draai de houdschroef los en haal de ommanteling zorgvuldig uit elkaar.
2
Haal de 9 V accu van de aansluiting af en vervang deze door een nieuwe.
3
Zet de ommanteling weer in elkaar en draai de houdschroef vast.
Met deze voltmeter kunt u alleen de spanning van elektrische afrasteringen
meten. De spanning dient tussen 0,2 en 9,9 kV te liggen.
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de dichtstbijzijnde dealer.
Inhaltsverzeichnis
loading

Inhaltsverzeichnis