1. Snijd voedsel in kleinere stukken om efficiënter te mengen. Voeg ingrediënten toe aan de schenkkan
en zorg ervoor dat u de schenkkan maximaal tot de "MAX" lijn vult.
WAARSCHUWING: Vul de schenkkan niet met hete ingrediënten tot meer dan de helft van de capaciteit
om overlopen en letsel te voorkomen.
OPMERKING: Als u extra ingrediënten moet toevoegen terwijl het apparaat bezig is met verwerken,
open dan de navullingsdeksel en giet de ingrediënten erin via de opening. Zorg ervoor dat het
hoofdgedeelte van het deksel op zijn plaats zit wanneer u ingrediënten toevoegt.
LET OP: Probeer de schenkkan nooit te verwijderen terwijl het apparaat nog in werking is.
2. Controleer de variabele snelheidsregelaar. Zorg ervoor dat de regelaar op "0" staat voordat u het
apparaat aan zet.
3. Begin met het blenden door gebruik te maken van de variabele snelheidsregelaar of door op een
slimme programmaknop te drukken.
GEBRUIK VAN DE VARIABELE SNELHEIDSREGELAAR
1. Zorg ervoor dat de pijl op de variabele snelheidsregelaar op de "0"-positie staat.
2. Druk de Aan/Uit-knop omhoog naar de Aan-stand en verhoog vervolgens langzaam tot de gewenste
snelheid tussen 1 en 8.
3. Tijdens het blenden kunt u ook de PULS-knop gebruiken om direct voor de hoogst mogelijke snelheid
te kiezen. Schakel de puls knop uit om vervolgens weer te kiezen voor een variabele snelheid.
4. Om het blenden te stoppen zet u de pijl op de variabele snelheidsknop op "0" en de blender gaat naar
de stand-by modus. Druk de Aan/uit-knop omlaag naar uit en de blender wordt uitgeschakeld.
GEBRUIK VAN DE SLIMME PROGRAMMA'S
De snelheid en tijd voor deze programma's zijn standaard ingesteld. Deze programma's hebben pauzes
of veranderingen in snelheid gedurende het programma.
1. Zorg ervoor dat de puls schakelaar op de OFF positie staat en dat de pijl op de variabele
snelheidsregelaar wijst naar "0".
2. Druk eenvoudig op een knop van een van de 4 programma's. Het programma zal automatisch
beginnen. De timer zal gaan aflopen en wordt in witte kleur weergegeven op het scherm.
LET OP: De Pulsfunctie werkt niet als het apparaat draait onder de 4 slimme programma's.
3. Het programma stopt automatisch nadat het programma is voltooid. Als alternatief kunt u nogmaals
op het lopende programmaknop drukken om het programma te stoppen zodat de blender automatisch
terug gaat naar de stand-by modus. Of zet de aan/uit-knop op OFF en de blender wordt uitgeschakeld.
GEBRUIK VAN DE STAMPER
BELANGRIJK! De spatschijf (bij de bovenkant van de stamper) en de deksel voorkomen dat de stamper
de messen raakt wanneer de deksel goed is geplaatst op de blender.
a. De schenkkan mag niet meer dan tweederde vol zijn wanneer de stamper wordt gebruikt.
b. Als het voedsel niet circuleert, kan er in de blender een luchtbel vastzitten.
c. Laat de luchtbel ontsnappen door de stamper kort uit de deksel te halen. LET OP: De stamper kan
alleen worden gebruikt als het hoofdgedeelte van de deksel op zijn plaats zit. Houd de schenkkan vast
terwijl u de stamper gebruikt.
BELANGRIJK: Om oververhitting tijdens het mixen te voorkomen, mag u de stamper NIET langer dan 30
opeenvolgende seconden gebruiken.
8