Inleiding —Vervolg
Verklarende woordenlijst
■ AES/EBU: Dit is een aansluitformaat voor digitale
audio, soortgelijk aan coaxiaal, maar hoofdzakelijk
gebruikt op professionele, digitale audioapparaten. Sym-
metrische XLR-kabels worden gebruikt voor een betere
weerstand tegen ruis en langere kabellengten.
■ CD-R (opneembare compact disc): Dit is een
type CD waarop slechts eenmaal kan worden opgeno-
men. Kan worden gebruikt voor VCD, CD, MP3 of
JPEG.
■ CD-RW (herschrijfbare compact disc): Dit is
een type CD waarop steeds weer opnieuw kan worden
opgenomen. Kan worden gebruikt voor VCD, CD, MP3
of JPEG.
■ Hoofdstuk: Titels op een DVD-Video disc kunnen
worden onderverdeeld in hoofdstukken.
■ Component-video: Dit is een aansluitformaat
voor video waarbij de luminantie- (Y) en kleurdifferen-
tiesignalen (PR en PB) worden gescheiden zodat een
hogere beeldkwaliteit wordt verkregen dan bij S-Video.
■ Composiet-video: Dit is een aansluitformaat voor
video, waarbij de luminantie- en kleursignalen worden
gecombineerd.
■ Direct Digital Path (Rechtstreeks digitaal
pad): Dit is een unieke Onkyo-technologie die
gebruikt maakt van afgeschermde kabels voor het aan-
sluiten van de digitale audio-uitgangen, om zodoende de
digitale uitgangssignalen te beschermen tegen ruis en
interferentie.
■ Dolby Digital: Dit surroundgeluidformaat, dat
voorheen AC-3 werd genoemd, is het formaat dat wordt
toegepast voor DVD-Video, HDTV en bepaalde digitale
uitzendingen (kabel, satelliet, over-the-air). Een Dolby
Digital bitstream kan mono, stereo, Dolby Surround of
5.1-kanaals audio-informatie bevatten.
■ Dolby Pro Logic: De decoders die gebruikt wor-
den in thuisbioscoop-apparatuur voor het decoderen van
Dolby Surround materiaal. Zie Dolby Surround.
■ Dolby Surround: Het originele Dolby surroundge-
luidformaat maakt gebruik van matrix-codering voor de
weergave van vier kanalen (links, rechts, midden en sur-
round) via twee audiokanalen. Dit formaat kan gebruikt
worden met VHS video, analoge TV en andere analoge
stereosystemen. De bioscooptheaterversie wordt Dolby
Stereo genoemd.
■ Downmixen: Dit is een proces waarbij meerdere
audiokanalen worden gemengd tot minder kanalen. Bij-
voorbeeld, een 5.1-kanaals surroundsignaal kan worden
gedownmixed tot een 2-kanaals signaal dat via een ste-
reosyteem kan worden weergegeven.
■ Bemonstering verlagen: Dit is een proces waar-
bij de bemonsteringsfrequentie van digitale audio wordt
verlaagd.
■ DTS (Digital Theater Systems): Evenals Dolby
Digital biedt het DTS surroundgeluidformaat informatie
voor maximaal 5.1 kanalen, maar dit systeem past min-
der compressie toe waardoor een meer waarheidsge-
trouwe weergave wordt verkregen.
■ DVD-Audio: Dit is een DVD-formaat met maximaal
zes (5.1) digitale audiokanalen van 24-bit/96 kHz of
twee digitale audiokanalen van 24-bit/192 kHz.
■ DVD-R (opneembare DVD): Dit is een type DVD
disc waarop slechts eenmaal kan worden opgenomen.
Kan worden gebruikt voor DVD-Video of DVD-Audio.
■ DVD-RW (herschrijfbare DVD): Dit is een type
DVD disc waarop steeds weer opnieuw kan worden
opgenomen. Kan worden gebruikt voor DVD-Video,
DVD-Audio of DVD-VR.
■ DVD-Video: Dit is een formaat voor het opslaan van
video (MPEG2) op DVD, met interactieve menu's,
meerdere geluidssporen, ondertitels, camerahoeken, enz.
■ DVD-VR (video-opname DVD): Dit is een DVD-
formaat dat door DVD-recorders wordt gebruikt voor het
opnemen van video op DVD-RW discs. Opgenomen
programma's kunnen worden gewist of gerangschikt op
afspeellijsten.
■ Veld: Bij interlaced scannen wordt in een enkele
scan van het beeldscherm een veld opgebouwd. Er zijn
twee velden per frame. Zie Interlaced scannen en Pro-
gressive scannen.
■ Frame: Een enkel TV-beeld heet een frame. Het
PAL-kleursysteem heeft 25 frames per seconde (30 voor
NTSC).
■ HD: Dit is de afkorting van Hoge Definitie, zoals in
HDTV (hoge-definitie televisie).
■ HDMI (Hoge-Definitie Multimedia-Interface):
Dit is een nieuw aansluitformaat met sterk vereenvou-
digde AV-aansluitingen die ongecomprimeerde stan-
daard-definitie of hoge-definitie digitale video en
maximaal acht digitale audiokanalen allemaal met één
kabel overbrengt.
■ i.LINK: Dit is een andere naam voor het aansluitfor-
maat IEEE 1394 dat veel gebruikt wordt bij AV-appara-
ten. Het is een bidirectioneel formaat waardoor
aangesloten apparaten met elkaar kunnen 'praten' en zo
optimale instellingen en perfect gesynchroniseerde audi-
otransmissie bereiken.
■ i.LINK Audio: Dit is een protocol voor het over-
brengen van maximaal zes (5.1) kanalen van maximaal
24-bit/192 kHz digitale audio over een i.LINK (IEEE
1394) verbinding. Het staat officieel bekend als het
A&M Protocol: Audio- en Muziek-datatransmissie Pro-
tocol .
13
Nl-