5.5 Bedrijfsomgeving
■
Plaats het product op een schoon, vlak, niet-brandbaar oppervlak van voldoende grootte.
■
Bescherm het product tegen trillingen.
■
Houd brandbare of ontvlambare materialen (bijvoorbeeld gordijnen) uit de buurt om brand te voorkomen.
■
Gebruik het product altijd op een niet-ontvlambaar en hittebestendig oppervlak.
■
Plaats het product niet op waardevol meubilair zonder geschikte bescherming te gebruiken, omdat dit krassen,
drukpunten, verkleuring of brandplekken kan veroorzaken.
■
Zorg dat er voldoende verlichting is.
■
Houd uw werkomgeving schoon en netjes.
■
Stel het product niet aan mechanische spanning bloot.
■
Bescherm het product tegen extreme temperaturen, sterke schokken, brandbare gassen, stoom en oplosmidde-
len.
■
Bescherm het product tegen hoge luchtvochtigheid en vocht.
■
Bescherm het product tegen direct zonlicht.
5.6 Bediening
■
Neem contact op met een deskundige wanneer u twijfelt over de werking, veiligheid of verbinding van het pro-
duct.
■
Als het product niet langer veilig gebruikt kan worden, stel het dan buiten bedrijf en zorg ervoor dat niemand het
per ongeluk kan gebruiken. Probeer het product NIET zelf te repareren. Veilig gebruik kan niet langer worden
gegarandeerd als het product:
– zichtbaar is beschadigd,
– niet meer naar behoren werkt,
– gedurende een langere periode onder slechte omstandigheden is opgeslagen of
– onderhevig is geweest aan ernstige transportbelasting.
5.7 Stroomkabel
Modificeer of repareer geen onderdelen van de netvoeding, inclusief netstekkers, netsnoeren en voedin-
gen. Gebruik geen beschadigde onderdelen. Risico op een fatale elektrische schok!
■
Het stopcontact dient zich in de buurt van het apparaat te bevinden en goed toegankelijk te zijn.
■
U mag nooit met natte handen de stekker in het stopcontact steken of eruit trekken.
■
Trek nooit de stekker uit het stopcontact door aan het snoer te trekken. Trek de stekker altijd aan de daarvoor
bestemde grepen uit het stopcontact.
■
Haal de stekker uit het stopcontact als u het apparaat langere tijd niet gebruikt.
■
Haal de stekker bij onweer om veiligheidsredenen uit het stopcontact.
■
Zorg dat het netsnoer niet wordt afgekneld, geknikt, door scherpe randen wordt beschadigd of op andere wijze
mechanisch wordt belast.
■
Vermijd overmatige thermische belasting op het netsnoer door te grote hitte of koude.
■
Verander het netsnoer niet. Anders kan het netsnoer worden beschadigd. Een beschadigd netsnoer kan een le-
vensgevaarlijke elektrische schok veroorzaken.
■
Raak het netsnoer niet aan wanneer het beschadigingen vertoont.
– Onderbreek eerst de spanning van het betreffende stopcontact (bijvoorbeeld d.m.v. de zekeringsautomaat)
en trek dan voorzichtig de stekker uit het stopcontact.
66